Wat doet de werkgever en wat het UWV bij eigen risico dragen ZW?

Minister Asscher van Sociale Zaken informeert de Tweede Kamer over de taak- en verantwoordelijkheidsverdeling tussen het UWV en de eigenrisicodrager voor de Ziektewet en vervolgens over de informatievoorziening door het UWV aan ZW-gerechtigden van eigenrisicodragers. Het UWV is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Ziektewet (ZW), ook als een werkgever eigenrisicodrager wordt voor ‘zijn‘ werknemers. Het eigenrisicodragerschap brengt mee dat de werkgever de ZW-uitkeringen aan zijn werknemers volledig voor zijn rekening moet nemen en verantwoordelijk wordt voor hun re-integratie. Verder verricht de eigenrisicodrager enkele andere taken bij de uitvoering van de ZW.

De verzekerde werknemer moet zich binnen twee dagen ziek melden bij zijn eigenrisicodragende werkgever (artikel 38a ZW). Deze meldt dit vervolgens binnen twee dagen daarna aan het UWV. De eigenrisicodrager beoordeelt of de verzekerde werknemer ziek is en aanspraak heeft op ziekengeld. Hierbij moet de eigenrisicodrager zich laten adviseren door een bedrijfsarts. Als de bedrijfsarts van oordeel is dat de verzekerde werknemer ziek is, dan berekent de eigenrisicodrager de hoogte van het dagloon en gaat tot betaling van het ziekengeld over. De bedrijfsarts kan ook van oordeel zijn dat de verzekerde werknemer al is hersteld. Deze kan het met dat oordeel wel of niet eens zijn. De eigenrisicodrager meldt in beide gevallen aan het UWV dat er volgens hem geen recht op ziekengeld (meer) bestaat en verzoekt het UWV een beschikking af te geven. De eigenrisicodrager moet die beschikking goed voorbereiden en gemotiveerd aangeven waarom die moet worden genomen, indien nodig onderbouwd met stukken. Het UWV toetst het verzoek van de eigenrisicodrager en geeft, indien akkoord, de beschikking af. Tegen deze beschikking kan de verzekerde werknemer desgewenst bezwaar maken bij het UWV. De eigenrisicodrager moet ook over andere beslissingen het UWV verzoeken om een beschikking te geven, bijvoorbeeld als hij meent dat een maatregel moet worden opgelegd omdat de verzekerde werknemer onvoldoende meewerkt aan zijn re-integratie. Ook tegen deze beschikkingen kan de verzekerde werknemer bezwaar maken bij het UWV.

De ZW-gerechtigde wordt op de beschikkingen – die op grond van de ZW alleen door het UWV kunnen worden gegeven – ingelicht dat hij bij het UWV bezwaar kan maken tegen die beschikkingen.

Reageer