Waardering pensioenverplichting ook na overdracht tegen 4% rekenrente

De Hoge Raad oordeelde op 16 oktober 2015 vervolgens dat de wetgever weliswaar onder ogen heeft gezien dat de in de markt gebruikelijke rekenrente voor de waardering van pensioenverplichtingen lager kan zijn dan 4%, maar dat dit de wetgever niet heeft doen besluiten de wettekst aan te passen. De Hoge Raad leidt hier vervolgens uit af dat de wetgever dan ook aanvaardt dat de jaarlijkse verhoging van de pensioenverplichting op basis van een rekenrente van ten minste 4% lager kan zijn dan deze volgens goed koopmansgebruik met inachtneming van algemeen aanvaarde actuariële grondslagen en op basis van de lagere marktrente zou moeten zijn. In casu leidt dit tot een verplichte vrijval onmiddellijk na de overdracht van de pensioenverplichting aan dochter BV B.

 

 

Reageer