Terugplaatsing IVF embryo na echtscheiding

Juridisch vaderschap komt in beginsel alleen tot stand bij de geboorte van een kind tijdens het huwelijk, erkenning of adoptie. Als er tijdens huwelijk via IVF een embryo wordt ingevroren ontstaat er dus geen juridisch vaderschap. De biologische verwekker speelt als er geen geboorte tijdens het huwelijk of adoptie volgt juridisch geen rol van betekenis. In een casus voor het gerechtshof Den Haag heeft de moeder buiten medeweten van haar ex-man de ingevroren embryo na het huwelijk laten plaatsen en is er een kind geboren. De man vindt dat de IVF-kliniek onrechtmatig richting hem gehandeld heeft.

Het gerechtshof vindt dat de geneeskundige behandelovereenkomst en ook buiten de contractuele context de belangen van de vader belangrijk genoeg zijn en daarom moet meebeslissen over het gebruik van zijn erfelijk materiaal. Daarmee zou de IVF-kliniek dus onrechtmatig gehandeld kunnen hebben. In deze casus heeft echter de kliniek ook zonder de expliciete schriftelijke toestemming van instemming mogen uitgaan, omdat de man al die tijd bij eerdere IVF pogingen is geweest en zelfs bij de echo die de zwangerschap bevestigde. Daaruit volgt een langdurige en persisterende kinderwens en mocht instemming van vrouw en man worden aangenomen. Kortom, opletten dus voor IVF-klinieken én als de man aarzelt niet meer meegaan naar de kliniek. Meer dan biologische is de man niet geworden, tenzij een erkenning alsnog wordt afgedwongen door de moeder/ex-partner. Onderhoudsverplichtingen en familierechtelijke gevolgen hangen dus soms sterk van feiten en omstandigheden af.

Reageer