Rijnvarende heeft bewijslast ontbreken verzekeringsplicht

Een Nederlandse rijnvarende die woont in Nederland, was een deel van 2005 als kapitein in loondienst bij J te Luxemburg. Hij verrichtte zijn werk aan boord van een schip in eigendom van L BV, gevestigd in Nederland. Het schip had een scheepspatent en  Rijnvaartverklaring, afgegeven aan eigenaar L. De vraag is of de rijnvarende (een deel van) 2005 in Nederland verzekerd en premieplichtig was voor de volksverzekeringen. Het hof oordeelde dat de Belastingdienst haar stelling dat het schip behoort tot de onderneming van L niet aannemelijk heeft gemaakt. Volgens het hof is dan niet relevant of het schip behoort tot de onderneming van J. Dit oordeel is volgens de Hoge Raad (24/10/2014, 14/01601) niet goed gemotiveerd. De Hoge Raad verwijst de zaak naar een ander hof met de opmerking dat de rijvarende de stelplicht en bewijslast voor het ontbreken van verzekeringsplicht heeft.

Reageer