Rabobank aansprakelijk voor verliezen in lijfrentepolis

Een gescheiden vrouw van 50 jaar met drie kinderen heeft haar bloemenzaak moeten staken in verband met onder andere haar arbeidsongeschiktheid. De stakingswinst is vervolgens in 1998 op advies van de Rabobank ondergebracht in een beleggingspolis. Uit deze beleggingspolis werd jaarlijks onttrokken om zo een aanvulling op het inkomen te realiseren. Volgens de prognose zou op deze wijze een levenslange uitkering kunnen worden gerealiseerd. Door de combinatie van onttrekkingen en slechte beleggingsresultaten is het kapitaal in de polis in 2005 echter vrijwel verdwenen. De vrouw stelt de Rabobank hiervoor aansprakelijk. Het Gerechtshof is van mening dat de Rabobank de op haar rustende zorgplicht onvoldoende heeft ingevuld: de Rabobank heeft de vrouw, zowel voor het aangaan van de polis als gedurende de looptijd, onvoldoende gewaarschuwd voor de gevaren van de gekozen constructie. De verweren van de Rabobank dat sprake was van te laat klagen en het zogenaamde execution only, worden door het Gerechtshof verworpen. Het te laat klagen is sinds de uitspraak van de Hoge Raad van begin dit jaar minder snel van toepassing. Door de Rabobank was niet nadrukkelijk gewezen op execution only. Voor de schadeberekening sluit het Gerechtshof aan bij de berekening door de deskundige: het verschil tussen de oorspronkelijk aangeboden garantieverzekering en de door de vrouw reeds ontvangen uitkeringen uit de polis.   

Vergelijkbare beleggingspolissen zijn een aantal jaren veelvuldig geadviseerd. De combinatie van onttrekkingen en slechte rendementen zorgen voor een sterke negatieve hefboom. Het lijkt erop dat vergelijkbare zaken in toenemende mate worden beoordeeld met de kennis van vandaag. De positie van adviseurs in een gerechtelijke procedure wordt hierdoor, indien door de consument tijdig wordt geklaagd, aanzienlijk lastiger.

Reageer