Bijna alle pensioenregelingen bevatten premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid. Dit is een aanvullende verzekering die zorgt dat de pensioenopbouw wordt voortgezet bij arbeidsongeschiktheid. Als de pensioentoezegging gebaseerd is op beschikbare premie, dan is er geen sprake van voortzetting van de pensioenopbouw, maar van de premiebetaling. Een belangrijke vraag is dan welke premie er wordt doorbetaald. Is dat de laatst bekende premie, of wordt er rekening gehouden met het feit dat de premie(staffel) in de toekomst zal stijgen.
Of de premievrijstelling staffel volgend is of niet, is een fundamentele vraag. Als de premievrijstelling niet staffel volgend is, dan wordt dus niet de volledige pensioenopbouw voortgezet. De toekomstige stijgingen in de premiestaffel worden immers niet meegenomen, waardoor het volledige ambitieniveau niet kan worden bereikt.
Deze vraag heeft vorig jaar voorgelegen bij de Commissie Gelijke Behandeling. In uitspraak 2007-118 is de commissie hier op ingegaan. Een verzekeringsmaatschappij heeft de casus voorgelegd. Naar het oordeel van de commissie maakt zij geen verboden onderscheid als zij bij een beschikbare premieregeling bij arbeidsongeschiktheid van een deelnemer een premie hanteert die niet mee stijgt met de leeftijd.
De commissie komt tot dit oordeel omdat een (gedeeltelijk) arbeids(on)geschikte werknemers met een WAO- of WIA-uitkering voor het deel dat zij arbeidsongeschikt zijn en actieve werknemers in het kader van een beschikbare premieregeling voor wat betreft premieaanspraak en -opbouw niet als gelijke gevallen kunnen worden aangemerkt in de zin van de gelijkebehandelingswetgeving. Verschillende behandeling levert dus geen verboden onderscheid op.
Een belangrijke vraag is echter wat hier over wordt verteld aan de werknemers. Ik heb een aantal pensioenregelingen en de bijbehorende communicatie hierop nageslagen. In de praktijk blijkt dat er wordt verteld dat er premievrijstelling wegens arbeidsongeschiktheid is meeverzekerd. Dit staat onder andere op de uniforme pensioenoverzicht (UPO). Nergens wordt echter aangegeven of deze premievrijstelling staffel volgend is. Wel wordt de suggestie gewekt dat de pensioenopbouw gewoon doorgaat. Bij wie zal de werknemer dan aankloppen als achteraf blijkt dat hij door arbeidsongeschiktheid toch niet aan zijn volledige pensioen komt?




Vergeet ook niet dat werknemers vaak geen idee het hebben dat er PVI-klassen worden gehanteerd. Laat staan hoeveel…