Premieheffing WGA voor WSW instelling niet strijdig met artikel 1 EP (EVRM)

Bij X zijn werknemers werkzaam in het kader van de Wet Sociale werkvoorziening (hierna: WSW). Het ambtelijk personeel van X is tot 2013 ingedeeld in sector 66 (overheid, overige instellingen). De in het kader van de WSW voorziening werkzame werknemers zijn tot 2013 ingedeeld in sector 67 (werk en (re)integratie). Vanaf 1 januari 2013 zijn beide groepen samengebracht onder één nummer en ingedeeld in sector 66. Dit heeft tot een premiestijging geleid voor het ambtelijk personeel. X stelt in hoger beroep dat de premieheffing gedifferentieerde premie Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) in strijd is met artikel 1 Eerste Protocol bij het EVRM (1 EP). Hof Den Bosch is het niet met X eens. De WSW instelling van X is sinds 2013 aangemerkt als één werkgever voor zowel het ambtelijk personeel als het WSW personeel. Op grond van de wettelijke bepalingen worden voor de berekening van de premies naast de uitkeringen en loonsommen van het ambtelijk personeel ook de uitkeringen en loonsommen van WSW medewerkers meegeteld. Deze systematiek komt op zichzelf beschouwd niet in strijd met het beginsel van ‘fair balance’. X heeft verder niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van een buitensporige last. Met de Belastingdienst is het Hof van oordeel dat een stijging van het premiepercentage niet de conclusie rechtvaardigt dat sprake is van een ‘individual and excessive burden’ (buitengewone last). Ook een loonkostenstijging van 0,15222% (€ 16.378 ten opzichte van een totaal bedrag aan loonheffingen 2013 van € 10.759.124) levert geen buitensporige last op.

Reageer