Pensioenakkoord of niet?

Hebben we een pensioenakkoord en is dat pensioenakkoord wel akkoord voor iedereen, dat zijn de grote vragen. Het antwoord is tweemaal neen!

Er is geen akkoord omdat het niet wordt erkend door de betrokken partijen, werkgevers en werknemers. Daarnaast is de SER (lees: kroonleden) niet akkoord en die gaan echt niet gedwongen bij ’het kruisje’ tekenen. Ook Minister Koolmees (lees: de regering) kan niet akkoord gaan, want het druist volstrekt in tegen de overeengekomen plannen in het regeerakkoord.

Verder, maar dat is natuurlijk relatief interessant, zijn alle anderen (lees deskundigen) ook niet akkoord.

Uitstellen

Waarom dan toch een uitgelekt ’niet-pensioenakkoord’? Simpel. De partijen (sociale partners en SER-kroonleden) komen er niet uit. Dat komen ze al 8 jaar niet. De vakbonden (lees: FNV) hebben maar één doel: traineren. Hoe langer het duurt, hoe langer ze op het pluche (lees: de verplichtstelling) kunnen blijven zitten. De economie trekt fors aan, dus de lonen moeten wel een keer verder en sneller omhoog. Dit zou zonder de FNV ook wel gebeurd zijn, maar toch zullen ze dit op hun conto schrijven.

Dan hebben ze nog de echte achterban, de ouderen (lees: bijna-gepensioneerden). In de ijdele hoop dat de marktrente de komende jaren, voor 2020 als de grote drie pensioenfondsen moeten korten, gaat stijgen, kunnen ze hen uit de wind houden. Geen korting en wellicht zelfs indexatie(vooruitzicht). Iedereen tevreden.

Maar helaas, de marktrente gaat niet (fors) stijgen, en zo ja, dan dalen de bezittingen, de levensverwachting blijft toenemen (ondanks die twee griepgolfjes) en de beleggingen gaan het eerder minder dan beter doen.

Tactiek

Kortom, het uitgelekte pensioenakkoord is gewoon tactiek. En niet eens een slechte hoor! Een akkoord presenteren dat er niet is, eisen stellen die onzinnig zijn en indruisen tegen allang gekozen richting (lees: individuele pensioensparen met veel flexibiliseringsmogelijkheden). Dan weet je twee dingen. Of je krijgt je zin en hebt ’gewonnen’. Of je krijgt je zin niet (die kans is groter), iedereen in rep en roer en het ligt weer een jaar stil. Tactiek geslaagd.

Dat de FNV alleen maar aan haar eigen belang denkt, is misschien haar goed recht. Dat we daar niet in mee moeten gaan heet democratie. Niet de FNV (en/of werkgevers) gaan over de AOW, die is namelijk ’van ons allemaal’ en dus een regeringskwestie. Dat geldt ook voor de verplichte winkelnering bij bedrijfstakpensioenfondsen en de doorsneepremie.

Vroeger waren de vakbonden er om te bewerkstellingen dat werknemers goede werkomstandigheden (loon, arbeidsvoorwaarden, etc.) hadden. Nu lijkt het wel of ze alles aan doen om te zorgen dan mensen niet meer (hoeven) te werken.

Het ’echte’ pensioenakkoord

Dat is echter een doodlopende weg. Immers, de economie draait op volle toeren, de vergrijzing komt pas nu echt op gang, we zullen dus ’iedereen’ nodig hebben op de arbeidsmarkt. Dat hoeft niet fulltime maar kan heel goed parttime, al dan niet ’met een tweede carrière’. Ook daar moet het FNV zich voor inzetten in plaats van te blijven ’emmeren’ over zware beroepen (we hebben namelijk allemaal en ’zwaar’ beroep).

Hoe ziet het echte pensioenakkoord er dus uit:

  • pensioenplicht voor alle werkenden (minimaal 50% van hetgeen ’normaal’ is);
  • flexibele AOW: 5 jaar voor AOW-datum 50%;
  • individueel pensioensparen (dus einde doorsneepremie);
  • pensioen mag gebruikt worden voor: aankoop huis, sabbatical, zorgverlof, studieverlof, uiteraard deeltijdpensioen, een lumpsum en een deel als tijdelijk pensioen (in plaats van levenslang). Als je een volledig pensioen opbouwt mag je 50% gebruiken voor andere zaken.

Als dat is geïmplementeerd in 2020 kan de verplichtstelling worden afgeschaft. Dat duurt dan nog een jaar of vijf, dan hebben alle bedrijfstakpensioenfondsen nog ruim de tijd om zich voor te bereiden op ook die nieuwe pensioenwereld.

5 reacties op “Pensioenakkoord of niet?”

  1. Ruud van Kraaij

    Theo, je hebt helemaal gelijk, deadline na deadline wordt niet gehaald.. en alle partijen (werkgevers, werknemers, SER) komen er niet uit.. Waar blijft de beloofde daadkracht van dit kabinet (Rutte III) om het pensioenstelsel hervormd te hebben in 2020?

    Beantwoorden
  2. Martin K.

    Eigenlijk triest dat de werkgevers en werknemers samen niet met een goed alternatief komen, waarmee het pensioenstelsel duurzaam wordt.
    Ik ben het helemaal eens dat dit alleen een doekje voor het bloeden is of een rookgordijn omdat men niet durft te zeggen dat er niks na al die jaren van overleg uitkomt.
    Merkwaardig ,omdat de overheid de AOW al zeer fors heeft uitgekleed, naast het verhogen van de AOW leeftijd is ook de partnertoeslag stil aan verdwenen, wat vele miljarden voor onze overheid oplevert.
    Oude uitgangspunten van de pensioenuitkeringen zijn ook in rook opgegaan, want wie krijgt nu nog 70% van zijn laatste inkomen, niemand dus! Oorzaak zit in het al jaren bevriezen van die zelfde pensioenuitkeringen, nog naast het feit dat de meeste pensioenfondsen geen eindloon meer hanteren, maar een loon gemiddelde.

    Er zijn zat oplossingen te bedenken, waarmee werkgevers en werknemers elkaar kunnen vinden.
    Ik zal er een paar noemen om uit de impasse te komen.

    1. Individueel pensioenpotje, er is al lang geen relatie meer met het inkomen (na jaren van bevriezen).
    2. Individueel recht om je eigen pensioenpotje op te nemen vanaf bv 60 jaar en dit geheel op te maken naar eigen inzicht tot tenminste de AOW leeftijd (Ook in Engeland kan men in een keer het hele bedrag opnemen).

    Dit geeft mensen met een minder goede gezondheid de mogelijkheid hun eigen geld op te nemen en zo nog iets achter te laten voor hun partner.
    Oh….maar dat zal wel pijn doen bij de pensioenfondsen, die U voorrekenen met een levensverwachting van 99 jaar……Raar waarom doen ze dat…..laat mensen dat zelf uitmaken. Er is immers nog steeds een AOW voor ieder die 67 jaar of ouder wordt.

    3. Ook werknemers zijn volwassen en kunnen zelf beslissen over hun pensioenpotje.

    Beantwoorden
  3. Bas

    Eens met een aantal oplossingsgerichte gedachten.
    Maar laten we nu a.u.b. niet denken dat de ‘individuele potjes’ de heilige graal zijn. Ondergetekende heeft 22 jaar lang een middelloonregeling gekend met lage opbouw (1,6%) en in zijn eerste werkzame fase een laag salaris (premievrij gemaakt).
    Volgend jaar ‘vier’ ik mijn volgende 22 jaar in een zuivere DC regeling. Laat mijn eerste 22 jaar nu een hoger pensioen geven dan de laatste 22 jaar !
    Ik krijg het idee dat sommige professionals denken dat ineens iedereen verstand en lef heeft om te gaan beleggen. Het blijkt dat je ook dan afhankelijk bent van advies en de meesten kiezen voor een ‘neutraal’ profiel met lifecycle. Ook in deze regeling krijgt óf de rentestand óf de aandelenkoers de schuld van de lagere pensioenuitkering maar ja, alle risico is nu voor de deelnemer. En mocht de huidige middelloonregeling voor de meest deelnemers al niet uitlegbaar zijn, de DC regeling is dat na één UPO al niet meer. Wie gaat de deelnemers uitleggen dat hij op dit ogenblik zou moeten opteren voor 100% een 2% staffel om op (mogelijk) dezelfde huidige ‘toezegging’ uit te komen ? en welke werkgever gaat dit betalen ? In de huidige DC regelingen treed er naar mijn mening overigens ook een generatieconflict op. Daar waar de werkgever 22 jaar geleden als hoofdreden aangaf dat zijn kosten in de lengte van dagen prima stabiel en goed te berekenen waren (goed voor de aandeelhouders maar dit terzijde) wil deze nu i.v.m. de hoge premiepercentages toch wel heel graag van zijn oudere werknemers afscheid nemen. Bij deze dus zomaar maar aandachtspunten.

    Vriendelijke groet
    Bas

    Beantwoorden
  4. Martin K.

    Beste Bas,

    Ik begrijp dat er veel argwaan tegen een individueel pensioenpotje bestaat. Deze stap is wel noodzakelijk om aanspraak te kunnen maken op een individuele pensioenuitkering. Ik zal dit nader uitleggen.
    De huidige pensioenuitkeringen zijn gelinkt aan een jaarinkomen van de deelnemer, deze uitkering is levenslang, ofwel zolang de deelnemer leeft. Gevolg hiervan is dat de deelnemer nooit meer kan ontvangen als een mager pensioen tot zijn dood, oorzaak is bekend, geen indexering, hoge levensverwachting etc.
    Bij een individuele aanspraak op de gehele som kan de deelnemer ervoor kiezen deze som in korte periode op te maken, dus niet levenslang, wat dat moge zijn.
    Een reken voorbeeld. U heeft 100K in U individuele pensioenpotje zitten, U wil dat over tien jaar laten uitkeren, ofwel 10.000 per jaar van 67 tot 77 jaar, daarnaast krijgt U AOW, als U ouder als 77 jaar wordt heeft U alleen recht op AOW.
    Kijk hiermee heeft de pensioendeelnemer ten minste tien mooie jaren, terwijl hij onder het oude regime een veel lagere uitkering zou ontvangen van hooguit 5.000 per jaar. Natuurlijk wel levenslang, maar wat is dat? Stel dat U wel 85 jaar oud wordt, dan is het nog de vraag of U gezondheid zodanig is dat U van U pensioen kan genieten.
    Kijk naar U omgeving, hoeveel oudere gaan nog 3 keer per jaar op vakantie als ze boven de 80 jaar zijn?
    Denk er maar eens over na.

    Beantwoorden
    • Bas

      Dank beste Martin,

      Het nadenken doe ik intussen al 44 jaar 🙂
      Vandaar dat ik het al eens was met sommige van de aangedragen suggesties en wat aandachtspunten mee wilde geven. Ik durf als ‘gestaald’ vakbondslid (sinds 1975)
      best spreekwoordelijk te vloeken in een volle kerk.
      Zolang er niemand, zoals Bonden, werkgevers maar ook beider adviseurs niet over hun schaduw durven te stappen en eindelijk eens gaan toegeven dat het huidige stelsel niet houdbaar is maar ook dat er jarenlang een veel te rooskleurig beeld is geschetst blijf je inderdaad nog lang zitten in het door dhr Gommer geschetste scenario. Ik ken overigens al een bedrijf met een verzekerde regeling die nog verder gaat dan de laatste 2 bulletpoints van dhr Gommer alleen nu nog niet volledig fiscaal en wettelijk gefaciliteerd . En ja, er zijn werknemers die de verantwoordelijkheden voor deze keuzes willen en durven nemen. Als we degenen die dit niet willen of kunnen maar een goed alternatief geven.
      Een laatste aandachtspunt zeker voor de jongeren vind ik: Er wordt gesproken over een ‘witte vlek’ in pensioenland als er nog steeds werknemers zijn zonder enige pensioenopbouw. Is er wel eens onderzocht hoe groot de ‘grijze vlek’ is van werknemers die volgens hun werkgever vaak een premievrije pensioenregeling krijgt aangeboden waarvan de uitkomsten nog geen 50% zijn van wat een redelijk pensioen wordt genoemd ! Dit zou zo erg nog niet zijn als de werknemers er op werden geattendeerd en/of een mogelijkheid wordt geboden dit bij te verzekeren. Neem van mij aan dat je schrikt van de uitkomsten. Hetzelfde verhaal waarmee Pieter Omtzigt vandaag in de krant staat (Partnerpensioen).
      Een onderwerp dat ik al vele jaren aankaart en ergens op deze site ook is terug te lezen. Helaas ligt het niet alleen aan vakbonden,werkgevers en adviseurs.
      Als werknemers/deelnemers maar blijven denken dat het allemaal wel goed is geregeld en hun pensioenpapieren in een la gooien en deze er vijf jaar voor hun pensioenleeftijd eens uit gaan halen kan je het mooiste communicatietraject van de wereld opzetten maar gaat er niets veranderen.

      Grt, Bas

Reageer