Pensioenakkoord; de belangrijkste wijzigingen

Vorige week hebben de sociale partners een nieuw pensioenakkoord gesloten. Belangrijk onderdeel van het pensioenakkoord is het minder zeker maken van de pensioenuitkeringen. Uw pensioen van € 15.000,- kan ook € 14.000,- worden, maar ook € 16.000,-. Hier is veel over te zeggen. In deze bijdrage ga ik dat niet doen. In deze bijdrage zal ik ingaan op de ‘harde’ wijzigingen in de pensioenopbouw. Een overzicht van de belangrijkste wijzigingen.

Doel van het pensioenakkoord is een robuust pensioenstelsel en duurzame participatie en inzetbaarheid van de werknemer. Samengevat gaat het om de volgende maatregelen:

  • de AOW- en pensioenrichtleeftijd worden gekoppeld aan de levensverwachting; tezamen met een verhoging van het AOW-pensioen en de mogelijkheid de AOW flexibel op te nemen leidt dit tot een nieuwe balans tussen AOW en aanvullend pensioen;
  • mensen kunnen zelf afwegen of ze willen stoppen of doorwerken;
  • de premies voor de aanvullende pensioenen worden gestabiliseerd;
  • pensioencontracten worden vernieuwd, mede op basis van nadere onderzoeken naar het omgaan met reeds opgebouwde rechten en de ontwikkelingen in EU-verband;
  • het Financieel toetsingskader zal worden verbeterd en uitgebreid;
  • het Witteveenkader wordt in lijn met het Uitwerkingsmemorandum aangepast, waarmee tevens invulling wordt gegeven aan de besparing uit het Regeerakkoord;
  • in cao’s worden concrete afspraken gemaakt over duurzame participatie en inzetbaarheid van (oudere) werknemers;
  • Het fiscale instrumentarium voor ouderenparticipatie wordt effectiever gemaakt. Er zal een mobiliteitsbonus worden geïntroduceerd;

Koppeling AOW-leeftijd aan levensverwachting

De stijging van de levensverwachting gaat nu veel sneller dan vroeger werd gedacht. We leven langer en blijven langer gezond. Dat betekent echter wel dat de AOW robuust gemaakt moet worden. De AOW-leeftijd wordt daartoe aangepast aan de verandering in de gemiddelde resterende levensverwachting op 65 jaar ten opzichte van de periode 2000 – 2009. Als gevolg daarvan stijgt de AOW-leeftijd eerst naar 66 jaar in 2020 en naar verwachting naar 67 jaar in 2025. Stijgt de levensverwachting, dan stijgt ook de AOW-leeftijd, zodat de periode van AOW per generatie hetzelfde is. Het eerder bij de Tweede Kamer ingediende wetsvoorstel verhoging pensioenleeftijd bevat alleen een verhoging naar 66 jaar; het wetsvoorstel zal worden aangepast.

Verder kunnen mensen ervoor kiezen om door te werken of eerder te stoppen. Bij langer doorwerken geldt een actuariële opslag op de AOW van 6,5% en bij eerder stoppen een actuariële korting van 6,5%. Eerdere opname van de AOW is niet toegestaan indien AOW plus aanvullend pensioen nog recht geeft op bijstand gedurende de (vervroegde) pensioenperiode.

Tweede pijler

In lijn hiermee zal het kabinet in het Witteveenkader de pensioenrichtleeftijd ook koppelen aan de levensverwachting die daardoor stijgt naar 66 jaar in 2013 en 67 jaar in 2015. Ook blijft er een directe koppeling tussen de franchise en de verhoging van het AOW-pensioen. De opbouwpercentages blijven gelijk. Deze aanpassingen van het Witteveenkader worden per 2013 doorgevoerd. In het wetsvoorstel verhoging pensioenleeftijd wordt uitgegaan van een pensioenrichtleeftijd van 66 jaar vanaf 2013 en verlaging van de opbouwpercentages; het wetsvoorstel zal op deze punten worden aangepast.

Naschrift 1 juli 2011

Afgelopen week is een voorontwerp van het wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer.
Lees hier het voorontwerp

Reageer