• Home
  • Bloggers
  • Colofon
  • Contact
  • Pensioencijfers
  • Nuttige websites
  • Pensioen
  • Pencyclopedie
  • Pensioenaangroei en middelloon

    Ieder jaar verstrekken pensioenuitvoerders een opgave van de pensioenaangroei, ook wel de factor A genoemd. Deze factor A is nodig voor de berekening van de maximale lijfrenteaftrek. Bij de berekening van de lijfrenteaftrek dient de factor A maal 7,5 in mindering te worden gebracht op de aftrekruimte. Dus hoe hoger de factor A, hoe lager de lijfrenteaftrek. Als je wilt weten hoe de factor A wordt vastgesteld, verwijs ik je graag naar het artikel Pensioenaangroei. De factor A pakt onlogisch uit voor een pensioenregeling op basis van middelloon. In dit artikel een uitleg.

    Voor een salaris/diensttijd regeling (eindloon en middelloon) is de factor A de pensioengrondslag maal het opbouwpercentage. De pensioengrondslag is het salaris minus de franchise.

    Bijvoorbeeld:
    Salaris € 50.000
    Franchise € 15.000
    De pensioengrondslag is dan € 35.000
    Opbouwpercentage per dienstjaar 2%
    De aangroei is dan € 35.000 x 2% is € 700
    Het pensioensysteem, eindloon of middelloon, maakt in deze niet uit voor de systematiek.

    Sinds het begin van deze eeuw zien we een duidelijke trend van eindloon naar middelloon. Waar in 2000 de meerderheid van de pensioenregelingen nog in meer of mindere mate waren gebaseerd op eindloon is dat in 2008 veranderd in middelloon.

    De overgang van eindloon naar middelloon resulteert vaak in een verhoging van het opbouwpercentage in de pensioenregeling. Op zich is dat logisch. Middelloon resulteert bij eenzelfde opbouwpercentage meestal in minder pensioen dan eindloon. Dit is ook de reden geweest dat de wetgever voor middelloon een hoger opbouwpercentage toestaat dan voor eindloon (artikel 18a Wet LB). In de Memorie van toelichting bij de behandeling van de Wet fiscale behandeling van pensioenen is de volgende passage opgenomen.

    Tweede Kamer, vergaderjaar 1997–1998, 26 020, nr. 3 pagina 21

    Kenmerkend voor het middelloonstelsel is dat pensioenopbouw plaatsvindt over het per dienstjaar genoten loon zodat het pensioenresultaat gebaseerd is op een gemiddeld loon. Bij een gelijk opbouwpercentage zal
    het pensioenresultaat daardoor lager uitkomen dan in een eindloonregeling. Indien men het pensioenresultaat toch overeen wil laten komen met het pensioenresultaat dat in een eindloonregeling zou zijn bereikt, kan een maximaal opbouwpercentage van een ouderdomspensioen van 2% zoals dat bij eindloonregelingen is toegestaan, te laag zijn. In het algemeen zal een jaarlijkse opbouw met 2,25% tot een pensioen leiden dat vergelijkbaar is met een pensioen op basis van 2%-eindloon.

    Uitgaande van deze toelichting ligt het dan ook voor de hand te veronderstellen dat een eindloonregeling met 2% per dienstjaar een zelfde factor A zou opleveren als een middelloonregeling met 2,25% per dienstjaar. Zoals ik  eerder heb opgemerkt is dat niet het geval. Middelloon geeft slechts bij hetzelfde opbouwpercentage een zelfde factor A als eindloon.

    Kijkend naar de parlementaire behandeling van de Wet fiscale behandeling van pensioenen, kan ik niet anders dan concluderen dat de huidige methodiek voor de berekening van de factor A niet juist is. Een juiste methode zou zijn om bij een middelloonregeling de factor A te berekenen door de pensioengrondslag te vermenigvuldigen met het opbouwpercentage en deze te corrigeren met de factor 2/2,25. Alleen op die manier wordt recht gedaan aan het karakter van een middelloonregeling.

    Ik roep de politiek dan ook op dit bij gelegenheid recht te zetten (belastingplan 2009 ? ).

    3 Reacties op “Pensioenaangroei en middelloon”

    1. Leuk rekenvoorbeeld, maar wat wordt verstaan onder “Salaris”? Het wekelijk genoten salaris gedurende een kalenderjaar of of het jaarsalaris naar de stand per eind december van dat jaar? Met andere woorden, maakt het verschil in de uitkomst als iemand in de loop van het betreffende jaar een salarisverhoging ontvangt?

      • Salaris is het salaris zoals afgesproken in de pensioentoezegging. Meestal wordt gekozen voor een peildatum eens per jaar. Dat is bijna altijd 1 januari. Een salarisverhoging midden in het jaar is dan niet van invloed op de pensioenopbouw. Een uitzondering op deze hoofdregel is vaak een wijziging van parttimepercentage. Indien je meer of minder parttime gaat werken, wordt dat in veel pensioenregelingen wel tussentijds meegenomen.

    Laat een reactie achter

     
     
    Feedback Form