• Home
  • Cijfers 2010
  • Bloggers
  • Colofon
  • Pencyclopedie
  • Pensioenovereenkomst

    Pensioen, nee dank u

    Regelmatig hoor ik mensen zeggen:  “Pensioen, nee dank u”. Ik vind dat altijd bijzonder interessant als iemand zo een stelling inneemt. Alleen, waarom doen mensen dat? In dit artikel een nadere beschouwing.

    Allereerst natuurlijk de vraag wat iemand dan precies niet wil. Als ik doorpraat met mensen kom ik er achter dat de meesten wel een oudedagsvoorziening willen, alleen niet geregeld op de manier die wij kennen als pensioen (werkgever – werknemer in de 2e pijler). Lees meer…

    Wijziging van de pensioenovereenkomst

    Regelmatig krijgen wij vragen over de wijziging van een pensioenregeling en de toestemming van de werknemers. In een eerder artikel ben ik ingegaan op de rol van de ondernemingsraad. In dit artikel met name aandacht voor de individuele deelnemers en hun positie bij een wijziging. Lees meer…

    Bedrijven in crisis

    Een groot aantal bedrijven bevindt zich in een financiële storm. Vaak veroorzaakt door beperkte financieringsmogelijkheden en omzetdaling. De meeste bedrijven zoeken oplossingen in kostenreductie. In de zoektocht naar reductiemogelijkheden wordt pensioen vaak overgeslagen. Maar toch is het (tijdelijk) verlagen van de pensioenpremies een heel reële optie. Ik merk veel onbekendheid met dit fenomeen. Daarom een artikel over betalingsvoorbehouden in pensioentoezeggingen. Lees meer…

    Premieovereenkomsten met beleggingsvrijheid: verplicht over naar Life-Cycle of toch niet?

    De pensioenuitvoerder is bij de uitvoering van premieovereenkomsten met beleggingsvrijheid, verantwoordelijk voor de beleggingen op grond van de zorgplichtregels. Maar hoe gaan uitvoerders hier mee om in de praktijk?

    Voor bestaande polissen waarvoor de beleggingsvrijheid al voor de invoering van artikel 52 PW van toepassing was, geldt dat de pensioenuitvoerder voor 1 januari 2009 de deelnemer de keuze moet voorleggen of de pensioenuitvoerder al dan niet verantwoordelijk wordt voor de beleggingen. Als de deelnemer aangeeft dat de verantwoordelijkheid bij de pensioenuitvoerder moet liggen, gaat de pensioenuitvoerder over op een life cycle-aanpak ter invulling van zijn plicht tot prudent beleggen. Als er geen keuze wordt gemaakt of hij kiest negatief dan wordt hij geacht zelf de verantwoordelijkheid te dragen (‘opting out’). In dat geval moet de pensioenuitvoerder eenmalig een beleggingsadvies geven conform de voorwaarden die de Wet op het Financieel Toezicht (WFT) daartoe stelt, waarvan de deelnemer kan afwijken. Jaarlijks moet getoetst worden of de (gewezen) deelnemer nog in overeenstemming met dit advies belegt. Er bestaat geen wettelijke verplichting tot ingrijpen van de pensioenuitvoerder wanneer de deelnemer in afwijking van het geadviseerde beleid belegt.

    Een groot aantal pensioenuitvoerders (met name verzekeraars) heeft er voor gekozen om voor nieuwe pensioenregelingen geen beleggingsvrijheid meer aan te bieden maar uitsluitend ‘life cycling by default’. In dat geval zorgt de pensioenuitvoerder voor de beleggingen, voor rekening en risico van de werknemer. Op zich is deze opstelling logisch: het adviseren en monitoren van de individuele werknemer brengt hoge kosten met zich mee.

    De laatste tijd zie ik dat pensioenuitvoerders – met een beroep op de Pensioenwet – stellen dat uitvoeringsovereenkomsten moeten worden opengebroken, om de bestaande beleggingsvrijheid aan banden te leggen. De vraag is of je als pensioenuitvoerder voor bestaande regelingen zomaar de beleggingsmogelijkheden kan beperken. Er is immers sprake van een pensioenovereenkomst (en een daarop gebaseerd pensioenreglement) tussen de werkgever en de werknemer, waarin de premieovereenkomst met beleggingsvrijheid wordt vermeld.

    Stel dat er in een regeling (van voor 1-1-2009) staat dat er belegd mag worden in bijv. 4 fondsen, dan kan de pensioenuitvoerder als hij wil overgaan op ‘life cycling by default’ twee dingen doen:

      • als er in de uitvoeringsovereenkomst staat dat de uitvoerder naar aanleiding van veranderende wet- en regelgeving de overeenkomst mag aanpassen, kan hij deze doorvoeren en hier ook het reglement op aanpassen;
      • als er in de uitvoeringsovereenkomst niets staat over aanpassing, dan moet de pensioenuitvoerder naar de werkgever en aangeven dat hij voornemens is om in de toekomst alleen nog maar life cycling by default’ toe te staan. De werkgever kan hiermee akkoord gaan; vervolgens wordt hier het reglement op aangepast.

        In beide gevallen geldt echter nog steeds dat de deelnemer het recht heeft (en blijft houden!) op ‘opting out’. Dat is een wettelijk vastgelegd recht waar niet aan valt te tornen. Wel is het mogelijk om de deelnemer te laten overstappen naar ‘life cycling by default’, bijvoorbeeld via een negatieve optie waarbij er wordt geswitcht als de deelnemer niet reageert op de voorgelegde keuze.

        Van belang is ook dat in beide gevallen geldt dat de OR zijn instemming moet geven aan het aanpassen van het reglement. Mijn ervaring is dat dit (bijna) niet gebeurt. Dat betekent dat als de werkgever meegaat in het voorstel van de pensioenuitvoerder om volledig over te gaan op ‘life cycling by default’ en er bijvoorbeeld geen ‘opting out’ wordt aangeboden, de OR dit kan voorleggen aan de Ondernemingskamer te Amsterdam.

        Uitzonderingen – wat betreft de instemming – zijn denkbaar, bijvoorbeeld als de OR al ooit eens heeft ingestemd met bijv. een reglement waarin wordt vermeld dat bij ‘ingrijpende wijzigingen’ de werkgever zonder instemming wijzigingen mag doorvoeren. Als je als OR hier ooit al eens mee akkoord bent gegaan houdt het volgens mij op.

        Mag uw werkgever ingrijpen in de pensioenregeling?

        De gevolgen van de kredietcrisis beginnen in steeds meer sectoren en ondernemingen merkbaar te worden. Veel werkgever nemen maatregelen om de situatie onder controle te houden of weer te krijgen. Ingrepen in pensioentoezeggingen zijn ook niet uitgesloten. Maar mag een werkgever wel zomaar ingrijpen? En wat is de rol van de werknemersvertegenwoordiging hierin?

        Een pensioenovereenkomst komt tot stand in het overleg tussen werkgevers en werknemers. Op grond van artikel 27 WOR heeft de ondernemingsraad instemmingsrecht bij vaststelling, wijziging of intrekking van de pensioenregeling. Dit ziet uiteraard op situaties die niet bij CAO geregeld zijn. Indien de CAO niets regelt over pensioen of indien het gaat over extra’s bovenop de afspraken in de CAO dan is artikel 27 WOR van toepassing. Indien er geen OR is, zal de werkgever een pensioenovereenkomst dienen te sluiten met de individuele werknemers. In de Pensioenwet is ook aangegeven dat een wijziging van de pensioenovereenkomst instemming van de werknemers behoeft.

        Instemming kan slechts in heel bijzondere situaties achterwege blijven. Dit kan dan alleen als in de pensioenovereenkomst is opgenomen dat in geval van zwaarwichtig belang van de werkgever de regeling zonder toestemming kan worden gewijzigd. Dit dient dan expliciet in de pensioenovereenkomst te zijn opgenomen en kan slechts in situaties van zwaarwichtig belang. Een voorbeeld van een zwaarwichtig belang is een naderend faillissement. Let hierbij op dat is bepaald dat het moet zijn opgenomen in de pensioenovereenkomst. Opname in het pensioenreglement van dit voorbehoud is derhalve niet voldoende.

        Mocht uw werkgever ingrijpen in de pensioenregeling, laat u te allen tijde goed informeren door een deskundig adviseur. Zoals ik hierboven heb geschreven is ingrijpen mogelijk, maar er gelden wel spelregels.

         
        Feedback Form