Niet alles wat pensioen heet is pensioen

Het woord pensioen wordt voor heel veel verschillende oudedagsvoorzieningen gebruikt. Hierdoor is niet altijd duidelijk waar het over gaat als er over pensioen wordt gesproken. In dit artikel meer licht in de duisternis.

Pensioen is volgens Van Dale
pen·si·oen het; o -en periodieke uitkering aan werknemers die stoppen met werken omdat ze een bep. leeftijd hebben bereikt: met ~ gaan

Volgens Wikipedia is pensioen
Pensioen is een inkomen voor de tijd dat men niet meer werkt op latere leeftijd of niet meer kan werken wegens arbeidsongeschiktheid. Vaak maakt ook een uitkering aan achterblijvende partners en wezen  deel uit van een pensioenregeling. Daarnaast kunnen pensioenregelingen bepalingen bevatten voor pensioenopbouw in speciale gevallen, zoals militaire dienstplicht, zwangerschap een kortstondige werkloosheid.

Pensioen kent dus een enge definitie, zoals Van Dale, maar ook een veel ruimere definitie, zoals Wikipedia. Ik zal beide definities verder uitwerken.

Het pensioengebouw in Nederland  is gebaseerd op het drie pijlersysteem. De eerste pijler is de sociale zekerheid, de voorzieningen vanuit de overheid. In de tweede pijler zijn de voorzieningen opgenomen in het kader van een werkgever/ werknemer relatie, , pensioen (binnen de enge definitie van pensioen). De derde pijler bestaat uit de privé voorzieningen, zoals lijfrente, sparen en beleggen. In de enge definitie hebben we het dus uitsluitend over de tweede pijler, in de ruime definitie hebben we het over alle pijlers bij elkaar.

Binnen het drie pijlersysteem is tevens een andere driedeling van belang. Dat zijn de drie risico’s die zich voor kunnen doen in het kader van pensioen. Dat is het risico van ouderdom, het risico van overlijden en het risico van arbeidsongeschiktheid. Gecombineerd met de terminologie pensioen krijg je dus ouderdomspensioen, overlijdens- of nabestaandenpensioen en arbeidsongeschiktheidspensioen.

In de westerse wereld bestaat het pensioenstelsel uit drie pijlers. De eerste pijler is een basispensioen, door de staat geregeld en gefinancierd door middel van een omslagstelsel. Deze pijler heeft als doel ten minste een basisvoorziening te scheppen. In veel ook ons omringende landen gaat de eerste pijler veel verder dan een basisinkomen, waardoor de rol van de tweede pijler kleiner is.

De tweede pijler is een secundaire arbeidsvoorwaarde waarmee een aanvullend pensioen wordt opgebouwd. Pensioen in de tweede pijler wordt dus altijd opgebouwd in de relatie werkgever/werknemer. De tweede pijler is gefinancierd door middel van een kapitaaldekkingsstelsel of een omslagstelsel, of een combinatie van beide. In Nederland zijn de verplicht gestelde pensioenfondsen (bedrijfstakpensioenfondsen en beroepspensioenregelingen) ingedeeld in de tweede pijler. Veel landen die ons pijlerstelsel invullen, plaatsen deze echter in de eerste pijler, daar het vanuit de wetgeving verplichte regelingen zijn.

De derde pijler is vrijwillig en gaat om commerciële spaarproducten, al dan niet op basis van een verzekering, al dan niet fiscaal gefaciliteerd. Denk hierbij aan lijfrente verzekeringen en lijfrente rekeningen, ook wel banksparen genoemd. Dit zijn fiscaal gefaciliteerde voorzieningen. Maar binnen de derde pijler valt ook het netto sparen op een bankrekening of beleggen.

Als we over pensioen praten denken veel mensen in eerste instantie aan de voorzieningen in de tweede pijler. Hetgeen via de werkgever wordt opgebouwd. In de commercie zie ik veel producten uit de derde pijler die de naam pensioen krijgen. Vaak zijn dat lijfrente verzekeringen of lijfrente rekeningen. Er zijn zelfs banken en beleggingsinstellingen die lijfrente rekeningen of beleggingsproducten aanbieden die worden aangezien voor verzekeringsmaatschappijen.

Als je op zoek bent naar pensioen of informatie over pensioen, denk eerst voor jezelf na waar je het over hebt. Welke pijler en wat voor soort voorziening. Als je vervolgens producten of informatie vindt, stel dan goed vast over wat voor soort voorziening deze informatie gaat. Dat kan een hoop onduidelijkheid voorkomen.

Reageer