Ingezonden brief Opinie: Pensioenpot loopt echt niet over

 

Op zich heeft Roelofs (FD, 11 juni) wel een punt. Natuurlijk kun je ervoor kiezen om te anticiperen op een rendement van 6 of 7% op het pensioenvermogen. Sec is dat niet eens niet realistisch. Toch maakt hij een denkfout. In plaatst van uit te gaan van een te verwachten rendement van 2,8% stelt hij voor om uit te gaan van 6%. Mijn eerst vraag is dan, netto of bruto? Als het bruto is, dan houd ik netto al 1% minder over. Vervolgens worden we steeds ouder. Dat betekent of langer werken, en dan niet tot 67 maar tot 70 of 72 jaar, of we moeten een deel van het rendement ‘reserveren’ voor de toenemende levensverwachting. Ook dat kost 1%. Daarnaast willen – ergo dat is beloofd – de meeste pensioenfondsen indexeren. Ook dat ‘kost’ 2%. Dus als ik uitga van een bruto rendement van 7%, dan ‘reken’ ik de facto met 3%?! Alles daarboven betekent dat gepensioneerden ‘snoepen’ uit de pot van de werkenden/jongeren. Als dan blijkt dat het rendement tegenvalt, is het te laat. Dat gepensioneerden daar op willen voorsorteren snap ik, maar is nu niet echt sociaal, terwijl ze zicht daar wel op voorstaan. Terecht dat jongeren dat niet accepteren. De oplossing is dus de huidige pensioenvermogen toebedelen aan de diverse generaties, of misschien nog beter aan het individu. Dat heeft niets te maken met individueel beleggen, dat kan nog steeds collectief, ervan uitgaande dat dat meer oplevert. Ook de vraag overigens of ik überhaupt wel een geïndexeerd pensioen wil hebben mag wel eens aan bod komen. Laat mijn pensioen vanaf de pensioendatum maar door inflatie uithollen. Naarmate ik ouder worden heb ik steeds minder nodig immers. En in ieder geval wil ik daarvoor zelf kunnen kiezen. Kortom, pensioen vergt realistische uitgangspunten en veel meer individuele keuze mogelijkheden.

 

Theo Gommer, Akkermans & Partners, voorzitter Nederlandse Orde van PensioenDeskundigen

Reageer