In veel sectoren stijgen in 2018 sectorale premies WGA en ZW

De gemiddelde WGA-premie bedraagt in 2018 0,75%. Het gemiddeld premiepercentage voor de Ziektewet komt uit op 0,41%. De maximum WGA-premie voor werkgevers is 3,00%, de minimumpremie voor werkgevers is 0,18%. De maximumpremie Ziektewet is voor werkgevers 1,64%, de minimumpremie voor werkgevers is 0,10%. Per premiecomponent wordt er per sector een premie berekend door de verwachte lasten in de sector in het premiejaar (2018) minus de niet-premiebaten te delen door de verwachte premieplichtige loonsom van de werkgevers in de sector in dat jaar. Voor werkgevers in sector 52 ‘Uitzendbedrijven’ geldt een afwijkende maximumpremie van 8,03%.

Bij de WGA krijgen 41 sectoren te maken met een premiestijging, 22 sectoren met een premiedaling en 4 sectoren met een ongewijzigde premie. Grote wijzigingen vinden voornamelijk plaats in sectoren met een kleine loonsom. Bij deze sectoren is de premie gevoelig voor (in absolute zin) kleine mutaties in de loonsom of de lasten. Wijzigingen in de loonsom kunnen optreden doordat werkgevers eigenrisicodrager worden of juist terugkeren naar het UWV. Voorts kan bij de kleinste sectoren een of enkele extra (of minder) toe te rekenen uitkeringen een duidelijke premieverhoging (of premieverlaging) veroorzaken.

Evenals als bij de WGA-premiecomponent krijgen ook bij de Ziektewet meer sectoren te maken met een premiestijging dan met een -daling. In 43 sectoren stijgen de sectorale premies. In 23 sectoren dalen de premies en in 1 sector blijft de premie gelijk.

Opvallend is dat ondanks een stijgende premie ZW de sectorale premies ZW in de bouwsectoren, zoals Bouwbedrijf (3), Schildersbedrijf (56), Stukadoorsbedrijf (57), Dakdekkersbedrijf (58), Mortelbedrijf (59) en Steenhouwersbedrijf (60) dalen. Oorzaak is de toename van economische activiteiten in deze sectoren. In sectoren waar sprake is van een sterke toename van flexpersoneel door uitzendbedrijven, zoals Havenbedrijven (20) en Zakelijke dienstverlening (45) stijgt de premie ZW meer dan gemiddeld.

In het algemeen zijn de sectorale premies Ziektewet minder stabiel dan de sectorale premies WGA. De oorzaak is gelegen in de gemiddelde duur van de WGA-uitkeringen die veel langer is dan die van de ZW. Vooral in kleine sectoren met slechts enkele te financieren uitkeringen kunnen de premies van jaar tot jaar sterk fluctueren. Dit effect is bij de ZW groter dan bij de WGA.

Van alle werkgevers in het publiek stelsel zal 58% lagere premies en 21% hogere premies hebben ten opzichte van 2017. Voor ongeveer 22% zal de premie gelijk blijven.

Ondanks dat het aantal premiedalingen groter is dan het aantal premiestijgingen, neemt de gemiddelde premie toe. Dit komt doordat de premie voor veel kleine werkgevers daalt. In aantal gaat het om veel werkgevers, maar vanwege de beperkte loonsom is het effect op de gemiddelde premie klein. De grootste uitschieters komen voor bij kleinere grote werkgevers en grotere middelgrote werkgevers (werkgevers met een omvang van ca. 100 werknemers). Voor deze werkgevers geldt dat één extra uitkering of het verdwijnen van één uitkering tot een aanzienlijke premiemutatie kan leiden. Voor kleine werkgevers (minder dan 10 werknemers) wordt een sectorale premie gehanteerd. Om die reden zijn de premiemutaties voor alle kleine werkgevers binnen een sector gelijk.

Gedifferentieerde premies WGA en Ziektewet-flex 2018 bekend 

Besluit gedifferentieerde premie Werkhervattingskas 2018

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen,

Gelet op artikel 38 van de Wet financiering sociale verzekeringen en artikel 2.10 lid 2 van het Besluit Wfsv;

Besluit:

Artikel 1

Voor de berekening van de gedifferentieerde premie op grond van artikel 38 van de Wet financiering sociale verzekeringen over het jaar 2018 worden voor alle takken van bedrijf en beroep de navolgende algemeen geldende parameters vastgesteld:

Gemiddelde premieplichtig loon€ 32.800
Grens kleine/middelgrote werkgever€ 328.000
Grens middelgrote/grote werkgever€ 3.280.000

Artikel 2

Voor de berekening van de gedifferentieerde premie Werkhervattingskas op grond van artikel 38 van de Wet financiering sociale verzekeringen over het jaar 2018 worden voor de premiecomponent WGA voor alle takken van bedrijf en beroep de volgende premies en parameters vastgesteld:

Rekenpercentage0,77%
Gemiddelde percentage0,75%
Maximumpremie werkgevers3,00%
Minimumpremie werkgevers0,18%
Gemiddelde werkgeversrisicopercentage0,41%
Correctiefactor werkgeversrisico1,42
Correctiefactoren bij onvolledige periode werkgever 
1 jaar bekend5,00
2 jaar bekend2,50
3 jaar bekend1,66
4 jaar bekend1,25
Sectorale premiesBijlage

Artikel 3

Voor de berekening van de gedifferentieerde premie Werkhervattingskas op grond van artikel 38 van de Wet financiering sociale verzekeringen over het jaar 2018 worden voor de premiecomponent ZW voor alle takken van bedrijf en beroep de volgende premies en parameters vastgesteld:

Rekenpercentage0,45%
Gemiddelde percentage0,41%
Maximumpremie werkgevers1,64%
Minimumpremie werkgevers0,10%
Gemiddelde werkgeversrisicopercentage0,24%
Correctiefactor werkgeversrisico1,45
Correctiefactoren bij onvolledige periode werkgever 
1 jaar bekend2,00
2 jaar bekend1,00
3 jaar bekend1,00
4 jaar bekend1,00
Sectorale premiesBijlage

Voor werkgevers in sector 52 ‘Uitzendbedrijven’ geldt een afwijkende maximumpremie van 8,03%.

Artikel 4

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit gedifferentieerde premie Whk 2018.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2018.

Dit besluit zal met de bijlage en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Amsterdam, 22 augustus 2017

B.J. BruinsVoorzitter Raad van Bestuur

BIJLAGE SECTORALE PREMIES

SectorWGAZW-flex
1Agrarisch bedrijf0,670,28
2Tabakverwerkende industrie0,910,22
3Bouwbedrijf0,990,25
4Baggerbedrijf0,370,08
5Houten emballage-industrie, houtwaren- en borstelindustrie0,870,25
6Timmerindustrie0,810,30
7Meubel- en orgelbouwindustrie0,880,27
8Groothandel in hout, zagerijen, schaverijen en houtbereidingsindustrie1,130,41
9Grafische industrie0,710,29
10Metaalindustrie0,490,28
11Elektrotechnische industrie0,270,58
12Metaal-en technische bedrijfstakken0,780,36
13Bakkerijen1,310,45
14Suikerverwerkende industrie1,260,36
15Slagersbedrijven1,510,36
16Slagers overig0,930,48
17Detailhandel en ambachten0,860,48
18Reiniging2,050,85
19Grootwinkelbedrijf0,990,41
20Havenbedrijven0,601,02
21Havenclassificeerders0,840,59
22Binnenscheepvaart0,690,32
23Visserij0,650,38
24Koopvaardij0,340,63
25Vervoer KLM1,550,63
26Vervoer NS0,870,63
27Vervoer posterijen0,610,34
28Taxivervoer2,351,59
29Openbaar Vervoer0,731,18
30Besloten busvervoer1,190,70
31Overig personenvervoer te land en in de lucht0,470,81
32Overig goederenvervoer te land en in de lucht0,820,57
33Horeca algemeen0,730,57
34Horeca catering0,980,65
35Gezondheid, geestelijke en maatschappelijke belangen0,770,33
38Banken0,340,13
39Verzekeringswezen0,500,11
40Uitgeverij0,660,23
41Groothandel I0,560,26
42Groothandel II0,630,28
43Zakelijke Dienstverlening I0,530,12
44Zakelijke Dienstverlening II0,360,29
45Zakelijke Dienstverlening III0,560,56
46Zuivelindustrie0,570,67
47Textielindustrie0,590,18
48Steen-, cement-, glas- en keramische industrie1,210,35
49Chemische industrie0,850,18
50Voedingsindustrie0,710,36
51Algemene industrie0,620,62
52Uitzendbedrijven1,154,59
53Bewakingsondernemingen1,151,05
54Culturele instellingen0,630,32
55Overige takken van bedrijf en beroep1,000,36
56Schildersbedrijf2,080,47
57Stukadoorsbedrijf2,740,36
58Dakdekkersbedrijf1,770,38
59Mortelbedrijf1,220,02
60Steenhouwersbedrijf2,260,56
61Overheid, onderwijs en wetenschappen0,920,10
62Overheid, rijk, politie en rechterlijke macht0,810,01
63Overheid, defensie0,000,03
64Overheid, provincies, gemeenten en waterschappen0,810,05
65Overheid, openbare nutsbedrijven0,290,10
66Overheid, overige instellingen1,080,22
67Werk en (re)Integratie3,291,19
68Railbouw1,130,12
69Telecommunicatie0,690,30

TOELICHTING

Algemeen

Op grond van artikel 38, tweede lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv) stelt Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) ten behoeve van de gedifferentieerde premie Werkhervattingskas (Whk) voor alle takken van bedrijf en beroep een gelijk rekenpercentage en gemiddeld percentage vast. De gedifferentieerde premie Whk is opgebouwd uit twee premiecomponenten: WGA voor alle dienstbetrekkingen (WGA) en ZW voor flexibele dienstbetrekkingen (ZW). Ten behoeve van deze twee premiecomponenten wordt voor elk premiecomponent afzonderlijk een rekenpercentage en een gemiddeld percentage vastgesteld.

In het Besluit Wfsv zijn regels gesteld over de wijze waarop de rekenpercentages en de gemiddelde percentages worden vastgesteld. Tevens zijn daarin regels gesteld over de wijze waarop de opslagen of kortingen worden berekend en regels over de percentages die ten hoogste aan een werkgever in rekening mogen worden gebracht en die ten minste in rekening moeten worden gebracht.

Op grond van het Besluit Wfsv stelt UWV een aantal parameters vast die dienen als basis voor de vaststelling van de individuele premie WGA en de individuele premie ZW. De parameters gelden voor de premie verschuldigd over het premieplichtige loon in het jaar 2018.

Gemiddelde premieplichtige loon

Het gemiddelde premieplichtige loon dient als basis voor het onderscheid tussen kleine, middelgrote en grote werkgevers. Kleine werkgever is de werkgever te wiens laste in het tweede kalenderjaar (2016) dat aan het premiejaar (2018) vooraf is gegaan, een premieplichtig loon is gekomen dat gelijk is aan of minder bedraagt dan 10 maal het gemiddelde premieplichtige loon (€ 328.000); middelgrote werkgever is de werkgever te wiens laste in dat jaar een premieplichtig loon is gekomen dat meer bedraagt dan 10 maal en gelijk is aan of minder bedraagt dan 100 maal het gemiddelde premieplichtige loon (€ 3.280.000); grote werkgever is de werkgever te wiens laste in dat jaar een premieplichtig loon is gekomen dat meer bedraagt dan 100 maal het gemiddelde premieplichtige loon.

Gemiddelde percentage

Het gemiddelde percentage is het percentage bedoeld in artikel 38, tweede lid, onderdeel b, van de Wfsv. Het gemiddelde percentage wordt voor elk van de twee premiecomponenten vastgesteld volgens artikel 2.8 van het Besluit Wfsv. Het gemiddelde percentage wordt berekend door het totaalbedrag van de in 2018 verwachte lasten voor elk onderdeel verminderd met de verwachte niet-premiebaten van de Werkhervattingskas, te vermenigvuldigen met honderd, welke uitkomst wordt gedeeld door het totaalbedrag van het in het premiejaar verwachte premieplichtige loon en te betalen uitkeringen.

Rekenpercentage

Het rekenpercentage is het percentage bedoeld in artikel 38, tweede lid, onderdeel a, van de Wfsv. Het rekenpercentage wordt voor elk van de twee premiecomponenten vastgesteld volgens artikel 2.9, eerste lid, van het Besluit Wfsv. Het rekenpercentage is afgeleid van het gemiddeld percentage. Daarbij wordt gecorrigeerd voor het effect van de maximumpremie op de premieopbrengst en de verplichting om een voldoende reserve voor de Werkhervattingskas te vormen en in stand te houden.

Gemiddelde werkgeversrisicopercentage

De gemiddelde werkgeversrisicopercentages zijn de percentages bedoeld in artikel 2.11, derde lid en artikel 2.13, derde lid, van het besluit Wfsv. Deze percentages worden berekend door per premiecomponent de uitkeringslasten 2016, bedoeld in artikel 117b Wfsv te delen door het premieplichtige loon in 2016 en de uitkomst te vermenigvuldigen met 100.

De uitkeringslasten 2016 betreffen voor de WGA voor vaste dienstbetrekkingen de lasten van uitkeringen ingegaan vanaf 1 januari 2007, voor de WGA voor flexibele dienstbetrekkingen de lasten van uitkeringen ingegaan vanaf 1 januari 2012. Voor de ZW betreft het alle uitkeringslasten uit 2016.

Correctiefactor werkgeversrisico

Voor elke van de twee premiecomponenten wordt de spreiding van de individuele werkgeversrisicopercentages in lijn gebracht met het gemiddelde percentage door de afwijkingen van dit werkgeversrisicopercentage ten opzichte van het gemiddelde werkgeversrisicopercentage te vermenigvuldigen met een correctiefactor.

De correctiefactoren zijn in artikel 2.11, zevende lid, en artikel 2.13, vijfde lid, van het Besluit Wfsv per premiecomponent gedefinieerd als een breuk met als teller het rekenpercentage verminderd met een kwart van het gemiddelde percentage en als noemer het gemiddelde werkgeversrisicopercentage. De correctiefactor is voor de WGA en ZW gemaximeerd op de waarde 2. Deze maximering heeft in het premiejaar 2018 geen effect op de correctiefactoren.

Correctiefactor ontbrekende jaren

Voor werkgevers die niet gedurende de gehele periode, die bepalend is voor het individuele en het gemiddelde werkgeversrisicopercentage (berekeningstijdvak), werkgever zijn geweest, is in artikel 2.16 van het Besluit Wfsv een correctie voorgeschreven op het individueel werkgeversrisicopercentage. De correctie doet zich voor indien de werkgever is gestart vóór 2016, maar niet gedurende de gehele periode van 2012 tot en met 2016 werkgever is geweest, of de werkgever heeft binnen de periode van 2012 tot en met 2016 een periode waarin hij geen werknemers heeft gehad en dus geen werkgever is geweest.

In deze situaties kan een individueel werkgeversrisicopercentage worden bepaald over een onvolledige periode. Voor ieder ontbrekend jaar wordt een correctie toegepast. De correctiefactor is berekend door het gemiddelde werkgeversrisicopercentage over de periode van 2012 tot en met 2016 te delen door het gemiddelde werkgeversrisicopercentage over het aantal beschikbare jaren.

Maximumpremie

Artikel 2.6, zesde lid, van het Besluit Wfsv bepaalt dat voor elke van de twee gedifferentieerde premiecomponenten voor grote werkgevers geldt dat deze ten hoogste vier maal het gemiddelde percentage bedraagt. Het maximum vloeit voort uit de vaststelling van het gemiddelde percentage. Voor elke premiecomponent wordt een maximumpremie vastgesteld.

Voor werkgevers werkzaam in de sector Uitzendbedrijven (sector 52) geldt voor de gedifferentieerde premie ZW een afwijkend maximum van 1,75 maal de voor die sector geldende sectorale premie ZW.

Minimumpremie

Artikel 2.6, zesde lid, van het Besluit Wfsv bepaalt dat voor elk van de twee gedifferentieerde premiecomponenten voor grote werkgevers geldt dat deze ten minste een kwart van het gemiddelde percentage bedraagt. Het minimum vloeit voort uit de vaststelling van het gemiddelde percentage. Voor elke premiecomponent wordt een minimumpremie vastgesteld.

Sectorale premies

De sectoraal bepaalde premies zijn de premies bepaald in artikel 2.10 van het Besluit Wfsv. Per premiecomponent wordt er per sector een premie berekend door de verwachte lasten in de sector in het premiejaar (2018) minus de niet-premiebaten te delen door de verwachte premieplichtige loonsom van de werkgevers in de sector in dat jaar.

Inwerkingtreding

Het onderhavige besluit treedt in werking op 1 januari 2018.

Amsterdam, 22 augustus 2017

B.J. Bruins Voorzitter Raad van Bestuur

Reageer