Gezamenlijke huishouding

In het kader van de Anw en AOW is sprake van een gezamenlijke huishouding indien twee personen hun hoofdverblijf in dezelfde woning hebben en zij blijk geven zorg te dragen voor elkaar d.m.v. het leveren van een bijdrage in de kosten van de huishouding of anderszins. Het recht op Anw-uitkering eindigt als de nabestaande in het huwelijk treedt of een gezamenlijke huishouding gaat voeren met een niet hulpbehoevende. In casu is er geen sprake van hulpbehoevendheid. SVB heeft het beleid dat de SVB niet tot herziening of intrekking met volledige terugwerkende kracht overgaat als de betrokkene al zijn verplichtingen is nagekomen en hij niet heeft kunnen onderkennen dat de uitkering ten onrechte is verleend. Er is sprake van gezamenlijke huishouding hetgeen leidt tot een lagere uitkering voor beiden tezamen (CRvB 07/10/2014, 13/1584 en 1759).

Reageer