Financieel Stabiliteitscomité over aflossingsvrije hypotheken

Er worden mogelijke problemen voorzien in Nederland als het gaat om de hoeveelheid aflossingsvrije leningen voor hypotheekschulden. Het gaat om meer dan de helft van de hypotheekschulden en dat levert risico’s op bij dalende inkomsten na pensioeningangsdatum bijvoorbeeld als geconstateerd wordt dat op het niveau van individuele huishoudens de risico’s sterk verschillen. Kredietverstrekkers en intermediairs spelen volgens de het comité een belangrijke rol bij het informeren van klanten over de risico’s en het aandragen van mogelijke oplossingen, zoals extra aflossen en het verkleinen van het aflossingsvrije deel van de hypotheek.

Het comité roept alle kredietverstrekkers daarom op een gerichte aanpak te ontwikkelen en – voor zover nodig en mogelijk – intermediairs daarbij te betrekken. Deze aanpak zou onder meer de volgende elementen moeten bevatten:

  • Risico identificatie: het segmenteren van klanten naar risicoprofiel, en het verbeteren van de informatie over de financile positie van klanten, waaronder aan de hypotheek verpande vermogens.
  • Proactieve klantenbenadering: het gebruiken van contactmomenten om klanten inzicht te geven in hun situatie en in de mogelijkheden om hun risico te verlagen, bijvoorbeeld door klanten te wijzen op de mogelijkheid om de ruimte die ontstaat bij lagere rentelasten in te zetten voor het verlagen van de aflossingsvrije schuld.
  • Maatwerk: het ontwikkelen van een effectieve aanpak die differentieert naar risicoprofiel, en die de meest risicovolle klanten snel handelingsperspectief biedt. Hierin wordt effectief samengewerkt met tussenpersonen.
  • Informatievoorziening: het inrichten van een centraal informatiepunt waar huishoudens terecht kunnen met vragen, en waar mogelijke oplossingen worden toegelicht.

De kans is groot dat financieel dienstverleners en hypotheekverstrekkers op niet al te lange termijn moeten verantwoorden of en in hoeverre er beleid is waarin een dergelijk beleid in is geïmplementeerd. De gevraagde bemoeienis van intermediais is goed, maar wel komt de vraag op hoe dit ingepast wordt in de al doorlopende zorgplicht die de adviseurs al hadden.

 

Reageer