Doorbeleggen van pensioenkapitaal geen heilige graal

Inmiddels weet het gros van de Nederlanders dat het belangrijk is om na te denken over de tijd na het werkzame leven. Toch is bijna niemand hier veel mee bezig, terwijl het zeker de moeite loont. Er komen namelijk steeds meer keuzemogelijkheden bij voor wat betreft pensioengelden die vrijkomen. Zo is er sinds kort de mogelijkheid om door te beleggen. Maar is dat wel een verstandige optie? Voor grote groepen in onze samenleving wordt financiële planning, op het gebied van hun inkomen na pensionering, onontbeerlijk.

De Tweede Kamer heeft vorig jaar een wetswijziging op de pensioenwet goedgekeurd, die doorbeleggen van pensioenkapitaal na pensionering mogelijk maakt. De achterliggende gedachte is dat pensioendeelnemers hun pensioenkapitaal nog wat langer kunnen laten doorgroeien, in plaats van dat ze op één bepaald moment hun pensioenkapitaal moeten omzetten in een pensioenuitkering. Dat deze mogelijkheid er is gekomen, juich ik toe. Maar dat de overheid het als een soort heilige graal presenteert, kan mijn goedkeuring niet wegdragen. Het is waarschijnlijk bedacht met de huidige lage rente in het achterhoofd. Dat het pensioenvermogen door tegenvallende beleggingsresultaten echter ook minder kan worden, daar hoor je niemand over.

Financiële planning
Het is dus erg belangrijk om mensen meer inzicht te geven in de verwachte rendementen en de risico’s en deze afstemmen op het inkomen dat ze verwachten nodig te hebben na hun pensionering, zodat er dan voldoende kapitaal is opgebouwd.

Mensen helpen bij hun pensioenbewustzijn is dus noodzakelijk om ervoor te zorgen dat ze de juiste keuzes maken. Doorbeleggen mag dan ook zeker geen automatische oplossing zijn, want vaak moeten pensioendeelnemers al ver voor de pensioendatum hierover keuzes maken. Juist dan is financiële planning van grote toegevoegde waarde. Daarin moeten alle partijen hun verantwoordelijkheid pakken: de pensioenaanbieder in de vorm van tools en gemak, u als werkgever door in gesprek te gaan met de werknemer over pensioen, de overheid en toezichthouder om creatieve oplossingen voor goed advies te faciliteren en uiteindelijk de deelnemer zelf, die profijt heeft van goed advies.

Reageer