Contractverlenging en pensioenregeling verandert niet: wel instemmingsplichtig

Pensioencontracten worden voor een beperkte duur (meestal 5 jaar) afgesloten met een pensioenuitvoerder. Als de pensioenuitvoerder het contract verlengt en er veranderd niets is er dan toch instemming van de Ondernemingsraad nodig?

Ja.

Sinds de aanpassing in de WOR van 2016 moet de werkgever instemming vragen voor elk door hem voorgenomen besluit tot vaststelling, wijziging of intrekking van de regeling op grond van een pensioenovereenkomst (WOR Art 27.1.A). Ook (WOR Art 27.7) als de uitvoeringsovereenkomst of het uitvoeringsreglement wijzigt dient instemming verkregen te worden.

Als er niets veranderd kan snel overeenstemming met de werkgever worden overeengekomen. Maar vaak veranderd er wel iets en wordt dit gepresenteerd als een kleine aanpassing. Extra attentie hiervoor!

Het instemmingsverzoek is wel een mooi moment voor de ondernemingsraad om na te gaan of de pensioenregeling nog wel past bij de onderneming en de werknemers en of de verwachte pensioenuitkomsten in de buurt komen bij wat de bedoeling van het pensioen is.

Twee in het oog springende tegenvallers zijn de volgende:

  • Lage of geen indexaties van de pensioenen. Hierdoor vindt uitholling van de pensioenen door inflatie plaats;
  • De ontwikkeling van het beschikbare premiepensioen. Zeker als er sprake is van de veel gebruikte leeftijdsafhankelijke premiestaffel die gebaseerd is op een te behalen constant rendement van 4%. Deze geeft pensioenuitkomsten die niet in de buurt komen en ook niet gaan komen van wat wij in Nederland een normaal pensioen (70%) vinden. Ook de 3% staffel zal vrij lage pensioenuitkomsten geven vandaar dat een staffel die is gebaseerd op de huidige rekenrente is toegestaan. Goed om hier eens naar te kijken.

3 reacties op “Contractverlenging en pensioenregeling verandert niet: wel instemmingsplichtig”

  1. Wim Oudheusden

    Naar mijn mening is een ongewijzigde voortzetting niet instemmingsplichtig. Immers zou dat inhouden dat een OR een bestaande, ongewijzigd voort te zetten pensioen-regeling zou kunnen wijzigen, door de gehanteerde uitgangspunten als achterhaald of ontoereikend te bestempelen. De OR is – kennelijk – in het verleden akkoord gegaan met deze regeling, dus een ongewijzigde voortzetting hoeft mijns inziens niet te worden voorgelegd.

    Beantwoorden
    • Gerard van der Toolen

      Beste Wim,

      Dank voor de opmerking, maar is deze niet correct.

      Sinds eind 2016 is de WOR aangepast.
      Zo was tot eind 2016 instemming nodig van de OR voor elk door de werkgever voorgenomen besluit tot vaststelling, wijziging of intrekking van de “regelingen op grond van een pensioenovereenkomst”. Dit is uitgebreid met alle aangelegenheden in de uitvoeringsovereenkomst die invloed hebben op de arbeidsvoorwaarde pensioen. hieronder valt dus ook het voornemen om bij dezelfde pensioenuitvoerder te blijven.
      Hartelijke groet,
      Gerard van der Toolen

  2. Wim Oudheusden

    Met betrekking tot de uitbreiding van het instemmingsrecht ten opzichte van het eerste wetsvoorstel lees ik dat, voor wat betreft het instemmingsrecht met betrekking tot elementen in de uitvoeringsovereenkomst die van invloed zijn op de arbeidsvoorwaarde pensioen, het woord “direct” vervallen. De regering geeft als reden dat sprake is van invloed op de pensioenovereenkomst – en daarmee instemmingsrecht voor de ondernemingsraad – wanneer een bepaald element uit een uitvoeringsovereenkomst de uitkomsten van de pensioenregeling, het ‘pensioenresultaat’, kan beïnvloeden. Onderdelen uit de uitvoeringsovereenkomst die van invloed zijn op de pensioenovereenkomst zijn onder meer de keuze van de pensioenuitvoerder, regelingen over de wijze waarop de premie wordt vastgesteld en de maatstaven voor de toeslagverlening. Ook kan een eventuele bijstortingsplicht van de werkgever en een regeling voor premierestitutie die in de uitvoeringsovereenkomst is opgenomen invloed hebben op de pensioenovereenkomst. Geen invloed op de pensioenovereenkomst hebben elementen zoals de wijze waarop en termijnen waarin de verschuldigde premie door de werkgever moet worden voldaan aan de pensioenuitvoerder en de informatie die door de werkgever aan de pensioenuitvoerder wordt verstrekt. De reden daarvoor is dat deze onderdelen de onderlinge relatie tussen werkgever en pensioenuitvoerder betreffen. Het toekennen van instemmingsrecht over de gehele uitvoeringsovereenkomst past niet bij de verantwoordelijkheidsverdeling tussen werkgever, werknemer en pensioenuitvoerder. De werkgever is verantwoordelijk voor het onderbrengen van de pensioenovereenkomst via een uitvoeringsovereenkomst bij een pensioenuitvoerder. Werkgevers en werknemers zijn verantwoordelijk voor de arbeidsvoorwaarde pensioen. Dat laatste betekent dat alleen elementen uit de uitvoeringsovereenkomst die van invloed zijn op de arbeidsvoorwaarde pensioen, instemmingsplichtig kunnen zijn.
    Het gaat dus nog altijd om een vaststellen (dan gaat het dus om een nieuwe regeling, waarin – nieuwe – afspraken worden vastgelegd), een wijzigen (waarbij nog het woordje “direct” werd geschrapt), of het intrekken van de regeling instemmingsplichtig is. Ik zie in de wetswijziging nog steeds niet vermeld dat ook een stilzwijgende voortzetting instemmingsplichtig is gemaakt. Maar ik houd mij aanbevolen voor nieuwe inzichten.

    Beantwoorden

Reageer