Collectief omzetten van pensioen

In een brief aan de Tweede Kamer van 17 januari 2013 stelt staatssecretaris Klijnsma dat het voor pensioenuitvoerders in het licht van komende wijzigingen, aantrekkelijk kan zijn om één pensioenleeftijd te hanteren. Dit zal dan veelal betekenen dat ook alle bestaande aanspraken die een pensioenleeftijd van 65 jaar hadden, ineens worden doorgeschoven naar 67 met bijbehorende actuariële verhoging. Volgens de staatssecretaris is hiervoor geen wijziging van de Pensioenwet nodig omdat in zoverre geen sprake is van aantasting van pensioenrechten. Het pensioen gaat later in, maar is ook hoger. Uiteraard dient de herrekening dan wel neutraal te geschieden en moet het reglement de mogelijkheid bieden om het pensioen te vervroegen naar 65 jaar.

Het pensioen wordt dus eerst voor iedereen met collectieve grondslagen uitgesteld naar 67 jaar en vervolgens voor degene die dat wil op individuele basis teruggerekend naar 65 jaar. Dit kan uiteraard toch verschillen opleveren met de oorspronkelijke aanspraken, maar dit wordt door de staatssecretaris niet als onoverkomelijk probleem gezien.

Reageer