CAP verduidelijkt oprenting ODV

Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen (CAP) heeft de systematiek voor de oprenting van de Oudedagsverplichting (ODV) in het kader van de Wet uitfasering PEB nader toegelicht in V&A 17-027. Daar was ook dringend behoefte aan, want de wettekst en de parlementaire behandeling waren niet erg duidelijk, aangezien telkens werd uitgegaan van een omzetting van de fiscale pensioenverplichting in een ODV per 1 januari.

Het CAP geeft twee methoden om de ODV in de uitstelfase, als de termijnen nog niet zijn ingegaan, op te renten.

  1. oprenting op de omzettingsverjaardag;
  2. oprenting per balansdatum.

Het oprentingspercentage is gelijk aan het rekenkundig gemiddelde van de maandelijks gepubliceerde u-rendementen van het voorafgaande kalenderjaar. Negatieve u-rendementen worden hierin meegenomen. Wanneer de oprentingsperiode in twee kalenderjaren valt, zoals bij oprenting op de omzettingsverjaardag, wordt het oprentingspercentage bepaald als het gewogen gemiddelde van de rekenkundig gemiddelde maandelijks gepubliceerde u-rendementen in de kalenderjaren t-1 en t-2. Met andere woorden, als de fiscale pensioenverplichting per 1 juli 2017 wordt omgezet in een ODV, bedraagt het oprentingspercentage voor de ODV:

6/12 x gemiddelde u-rendement 2016 + 6/12 x gemiddelde u-rendement 2017.

Het rekenkundig gemiddelde u-rendement over 2016 is reeds bekend en bedraagt 0,059%.

Aan de hand van enkele voorbeelden wordt de oprenting van de ODV voor de uitstelfase, het laatste jaar vóór ingang van de eerste termijn en voor de uitkeringsfase toegelicht.

Voor de fiscale winstbepaling geldt dat alleen de rente die drukt op het desbetreffende jaar in aanmerking genomen mag worden.

 

Reageer