Buitenlandse Indextrackers na invoering PRIIP

Na invoering van de PRIIP-verordening (voor beleggingsproducten en verzekeringen met een beleggingscomponent) zijn veel beleggingsproducten van buitenlandse aanbieders niet meer beschikbaar voor Nederlandse consumenten. Dit kan komen door de in deze verordening opgenomen taaleis op grond waarvan de verplichte informatie die de PRIPP-verordening voorschrijft aangeleverd moet worden in de Nederlandse taal. In antwoorden op vragen van de Tweede Kamer waarom geen gebruik gemaakt is van de lidstaatoptie om ook beleggersinformatie in bijvoorbeeld Engels toe te staan, antwoordt de minister van Financiën dit uit beleggersbeschermingsoogpunt niet te willen. De AFM heeft weloverwegen geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een andere taal toe te staan. Voor PRIIP’s die in Nederland worden aangeboden, blijft de Nederlandse taaleis daarom gewoon bestaan. De vermindering van het aanbod van PRIIP’s wijt de minister vooral aan het feit dat die aanbieders nog helemaal geen essentële-informatiedocument hebben opgesteld. Vertalen zou niet het probleem moeten zijn zeker niet omdat veel van de passages in dit document voorgeschreven standaardteksten zijn. De minister ziet geen strijd met de eisen van vrij kapitaal verkeer.

Financieel planners en beleggingsadviseurs zullen dus met deze visie rekening moeten houden. Waar mogelijk zullen ze eventueel samen met een aanbieder naar oplossingen kunnen zoeken. Tot die tijd is het aanbod van indextrackers beperkt, waar vanzelfsprekend rekening mee gehouden moet worden en ook goed gecommuniceerd moet worden met de klanten.

 

Reageer