Artikel www.Overgeld.nl: Geen pensioenopbouw meer na ontslag…

De kantonrechters in ons land hebben jaren geleden in een gezamenlijke vergadering besloten dat de schadevergoeding die een werknemer zou kunnen krijgen bij het einde van de arbeidsovereenkomst in een formule kan worden samengevat. De ABC-formule, u waarschijnlijk wel bekend.

Die formule is vorig jaar weer aangepast aan de veranderde economische situatie en op basis van de uitleg en invulling die er in de praktijk aan werd gegeven. Dat heeft er enerzijds toe geleid, dat de hoogte van de mogelijke ontslagvergoedingen naar beneden is bijgesteld. Dat zal geen verbazing wekken. Anderzijds heeft de aanscherping ook geleid tot meer duidelijkheid.

Een onderdeel van de B-factor is de door de werkgever betaalde pensioenpremie. Bij een einde van de arbeidsovereenkomst betaalt de werkgever voor de toekomst die premie niet meer. En dus is dat een factor die een rol kan c.q. moet spelen bij de bepaling van de hoogte van de schadevergoeding.

In de situatie dat de rechter de beëindiging van de arbeidsovereenkomst uitspreekt is de
ABC-formule aan de orde. Het is dan zeker zaak om er op te letten dat ook het element van u voor de toekomst afgebroken pensioenopbouw in de bepaling van de hoogte van de schadevergoeding wordt meegenomen. En niet alleen is dan het werkgeversdeel van de pensioenpremie een deel van de geleden schade, maar ook het feit er in totaal een lagere pensioenopbouw heeft plaatsgevonden dan wanneer u in dienst zou zijn gebleven.

In de situatie dat uw werkgever een ontslagvergunning vraagt bij het UWV en u op grond daarvan ontslaat ligt de bal bij u om in een aparte procedure een schadevergoeding te claimen vanwege het gegeven ontslag.

De Hoge Raad heeft echter bepaald, dat in die situatie de ABC-formule niet als standaard kan gelden. In deze gevallen is het dus nog meer van belang om ook de gemiste pensioenopbouw voor de toekomst, als gevolg van uw ontslag, als schade te vorderen van uw voormalige werkgever.

Die gemiste pensioenopbouw bestaat uiteraard uit de premiebijdrage die uw werkgever normaliter zou doen, maar ook uit het belastingverschil wat u nu niet hoeft te betalen over uw deel van de premie en de belasting die u straks betaalt over de pensioenuitkering. En u mist als gevolg van het ontslag het rendement op de ingelegde pensioenpremie. Kortom: u mist de pensioenopbouw in zijn geheel.
Het komt in dergelijke situaties ook voor, zeker als u dicht tegen uw pensioendatum aan zit, dat de rechter oordeelt dat de hoogte van de schadevergoeding beperkt kan blijven tot het gemiste inkomen tot aan de pensioendatum. Ook dat is natuurlijk niet juist. Uw schade kan veel groter zijn.

Zo’n beslissing neigt ook naar discriminatie van oudere werknemers: die krijgen op deze manier per definitie minder schadevergoeding dan de jongere werknemers.

Juist de beslissing van de Hoge Raad om geen standaardformule toe te mogen passen biedt veel meer perspectief om alle elementen van de schade op het terrein van het pensioen mee te nemen. Daarbij kan zelfs gedacht worden aan verlies van voorwaardelijke uitkeringsrechten omdat men door het ontslag niet lang genoeg in de branche werkzaam is geweest om de voorwaardelijke rechten onvoorwaardelijk te laten worden.

Laat u dan ook adviseren door een pensioendeskundige; zij zijn er voor en doen het graag!

Heeft u andere vragen over pensioen? Stelt u ze dan via www.pensioenSOS.nl.

Reageer