Artikel Tips & Advies: Belast of niet?

Het Hof in Den Bosch heeft een leuke uitspraak gedaan. Het betrof een zaak waarin een werknemer van 1964 tot 1986 voor diverse bedrijven heeft gewerkt. Van meerdere werkgevers kreeg hij bij het einde van de dienstbetrekking een geldbedrag mee, bedoeld voor zijn pensioen. Hij betaalde dit keurig aan verzekeraars en kreeg in 2006, toen hij 65 jaar werd, de uitkeringen c.q. afkoopsommen. Er werd in totaal ruim 10 mille uitgekeerd. De vraag was natuurlijk of deze afkoopsommen belast zijn of niet.

De inspecteur stelde dat de afkoopsommen ofwel als pensioen ofwel als periodieke uitkering belast waren. In dat laatste geval zou desnoods de saldomethode van toepassing moeten zijn. De saldomethode stelt dat het rentebestanddeel belast is. Dus alles wat een belastingplichtige meer krijgt dan zijn inleg.

De belastingplichtige stelt dat de premies destijds vanuit zijn netto-inkomen zijn gedaan en dat hij nooit aftrek heeft geclaimd. Fijntjes merkt hij op ‘dat de inspecteur dat toch moet weten’.

De hoofdregel is altijd dat als de premies (of koopsommen) die betaald zijn aftrekbaar zijn geweest, de uitkering volledig belast zijn. Als (een deel) van de premie of koopsom niet aftrekbaar is geweest dan gaat de saldomethode op, voor zover het betalingen zijn van voor 2001. Betalingen van na 2001 kennen globaal als hoofdregel dat alleen de eerste € 2.269,– betaalde, niet aftrekbare premie onder de saldomethode valt. Alles daarboven is gewoon integraal belast in Box I, ook al is de premie niet afgetrokken.

Daarnaast kan het natuurlijk zijn dat er absoluut geen sprake is van aftrekbare premies of koopsommen. Dan speelt alles zich af in box III en geldt alleen een jaarlijkse vermogensrendementsheffing. Dat is 30% belasting over een fictief rendement van 4%.

Dan is natuurlijk de vraag, heeft de belastingplichtige sinds 2001 wel ‘aangifte’ gedaan van dit Box III vermogen? Alles wat niet aftrekbaar is, valt niet in Box I, maar wél in Box III (uiteraard rekening houdend met de vrijstelling van ruim € 20.000,–). A contrario kan dus geredeneerd worden dat als het niet is aangegeven in Box III, het dus Box I inkomen is. Dát zal de fiscus zeker gaat ‘uitnutten’.

Het leuke van de uitspraak is tweeledig. Allereerst kiest het Hof, nu de inspecteur niet kan bewijzen dat de premies ooit zijn afgetrokken, terecht de kant van de belastingplichtige. Ten tweede omdat dit precies een uitspraak is die voortkomt uit ‘de vergrijzing’. Op grote schaal zullen allerhande verzekeringen uitkeren, hetzij als periodieke uitkering hetzij als koopsom, die afgesloten zijn vanaf de jaren ’60 van de vorige eeuw. Sinds die tijd hebben we vele overgangsregimes gehad en zal vaak niet duidelijk zijn wat voor soort verzekering het precies is. Tot nu toe zit de belastingplichtige goed: niet bewezen afgetrokken, is onbelast uitgekeerd. Maar naarmate het om meer en grotere bedragen zal gaan, zal de fiscus kritischer worden. Zoveel mogelijk relevante documentatie opvragen én vooral bewaren is regeren op voorhand. Of de belastingplichtige er altijd zo goed mee wegkomt valt nog te bezien.

Streamer: goed bijhouden wat precies de fiscale status is van pensioen- en levensverzekeringen is wel zo slim.

Reageer