Artikel Tips & Advies: Bancair (lijfrente)sparen

Sinds 2008 kan er ‘via de bank’ ook worden gespaard voor pensioen. Tot die tijd konden alleen fiscaal aftrekbare lijfrentepremies worden betaald aan een verzekeraar, vanaf 2008 dus ook aan een bank. De hoogte van de aftrek is in beide gevallen gelijk. Van belang zijn dus voornamelijk de kosten.

De verschillen
Een bank kan slechts een tijdelijke lijfrente uitkeren. Immers als de rekening leeg is, houdt de uitkering op. Een levenslange lijfrente kan alleen door een verzekeraar worden aangeboden. Een bank kan een maximale uitkering aanbieden met een duur van 20 jaar aangevuld met de jaren voor 65 jaar óf een tijdelijk uitkering van minimaal 5 jaar. Deze mag dan maximaal zo’n € 20.000 bedragen per jaar.

De voordelen
Deze liggen primair in de transparantie en dus kosten. Als het gaat om de hoogste garantie, hetzij qua kapitaal of qua uitkering, blijft het een kwestie van goed shoppen en onderhandelen. Bij overlijden – zowel voor als nadat de uitkering is ingegaan – vererft het restant van het lijfrentekapitaal, naar de partner, kinderen of overige erfgenamen.

De nadelen
Het nadeel is dat er en geen levenslange uitkering kan worden aangekocht en dat een bank geen (levenslange) nabestaandenlijfrente kan aanbieden. Wel kan natuurlijk bij de bank worden gespaard in de opbouwfase en de uitkering aangekocht bij een verzekeraar (voor eht gewenste deel!) in de uitkeringsfase. Bij overlijden komt ‘uitsluitend’ het spaarkapitaal tot uitkering. Daarvoor moet dan een aparte lijfrente bij een verzekeraar worden aangekocht.

Oud regime (1)
Als het een lijfrentepolis betreft van voor 1992, waar het pré-Brede Herwaarderingsregime op van toepassing is, geldt het volgende. U kunt de polis en ook het lijfrentekapitaal wel aanwenden bij een bank maar dan bent u de voordelen van het oude regime kwijt. Deze zijn onder andere het onbeperkt uitstellen (tot na 70 jaar), het (partieel) kunnen afkopen en vrije keus qua lijfrentevormen. Als die zaken niet spelen dan is de bancaire variant prima.

Oud regime (2)
Als het lijfrentepolissen betreft van na 1992 maar voor 2005 dan bieden deze de mogelijkheid om een overbruggingslijfrente aan te kopen. Dat is een tijdelijk uitkering die uiterlijk eindigt op 65 jaar. In de uitstelfase mogen deze polissen wel ondergebracht bij een bank, maar bij een bank kan geen overbruggingslijfrente worden aangekocht. IN de uitkeringsfase moet deze dan weer bij een ’traditionele’ verzekeraar worden aangekocht.

Streamer: Bancair sparen is een prima optie. Toch is een goed advies beter!

Reageer