Artikel Rendement: Verdelen zult u!

Gaat u scheiden dan moet u een heleboel verdelen. Bent u in gemeenschap van goederen gehuwd dan zal alles door de helft worden gedeeld. Heeft u echter huwelijkse voorwaarden vastgesteld dan is de verdeling afhankelijk van de door u gemaakte voorwaarden. Dit kan dus ook gewoon 90:10 zijn! Maar voor uw pensioen maakt het niet uit of u in gemeenschap van goederen of op huwelijkse voorwaarden bent getrouwd, u moet het opgebouwde pensioen eerlijk verdelen. Hoe zit dit nu?

Op grond van de Wet Verevening Pensioenrechten bij Scheiding (hierna Wet VPS) moet u bij een echtscheiding het pensioen dat tijdens uw huwelijk is opgebouwd verdelen (dit heet verevening). Dit geldt over en weer, dus als u beide pensioen heeft opgebouwd, moet er ook over en weer verdeeld worden. Deze regels gelden ook voor geregistreerde partners, die zijn voor de wet gelijk gesteld met gehuwden. De Wet VPS is echter niet van toepassing op ongehuwd samenwonenden. Bij de pensioenverdeling moet u wel onderscheid maken tussen partnerpensioen – dat alleen uitkeert bij uw overlijden ten behoeve van uw partner – en ouderdomspensioen, dat levenslang uitkeert vanaf uw pensioendatum als u dan leeft.

Partnerpensioen
Het partnerpensioen valt namelijk niet onder de Wet VPS maar onder de Pensioenwet. Als u gaat scheiden, heeft uw ex-partner recht op het totale partnerpensioen dat is opgebouwd op de datum van echtscheiding. Komt u te overlijden, voor of na uw pensioendatum, dan heeft uw ex – op grond van dat partnerpensioen – recht op een levenslange uitkering. De hoogte van het opgebouwde partnerpensioen staat aangegeven op uw jaarlijkse pensioenoverzicht.

Verweer
Als het partnerpensioen is afgedekt door een overlijdensrisicoverzekering vervalt het bij echtscheiding. Er is dan geen opbouw geweest. Dit staat aangegeven op uw pensioenoverzicht, het UPO. Dit kan van belang zijn in verband met de afspraken die u gaat maken over alimentatie. Als u komt te overlijden, vervalt de alimentatie namelijk en als er dan geen partnerpensioen meer verzekerd is, kan uw ex-partner in de financiële moeilijkheden komen. Dit wordt niet altijd goed geregeld bij een echtscheiding en kan zelfs reden zijn om de echtscheiding op te schorten totdat er een adequate regeling is getroffen voor uw ex-partner. Dit noemt men pensioenverweer.

Gemeenschap van goederen
Het maakt voor de verdeling van de pensioenrechten dus niet uit of u bent getrouwd op huwelijkse voorwaarden of in gemeenschap van goederen. Het pensioen valt hier namelijk volledig buiten en moet altijd verdeeld worden. Zelfs als u bij het huwelijk heeft afgesproken dat beide partijen hun eigen inkomsten en vermogen houden, moet u het pensioen toch verdelen. Wilt u dat niet, dan moet u dat van te voren in de huwelijkse voorwaarden vastleggen. De enige andere optie is dat alsnog te regelen bij de echtscheiding maar vaak wordt het dan een stuk moeilijker, zeker als de verstandhouding niet goed meer is.

Compensatie
Een veel gemaakte fout is dat de verdeling van het pensioen wordt vermengd met de verdeling van de gemeenschap van goederen. Dat is dus juridisch niet mogelijk. U moet altijd de huwelijksgoederengemeenschap fiftyfifty verdelen en pas daarna kunt u eventueel afrekenen met uw ex-partner ter compensatie van het pensioen. Het is dus ook niet mogelijk om vermogen te verrekenen met het pensioen. Als u uw pensioen wilt houden, moet u uit uw eigen deel contant afrekenen met uw ex-partner. Dat is niet zo erg want dat is bij u fiscaal aftrekbaar en bij uw ex-partner belast. Stel, u moet € 10.000,- afrekenen met uw partner om uw hele pensioen te houden. Dan betaalt u dat uit uw deel van de gemeenschap (spaargeld bijvoorbeeld) en u trekt dat bedrag af bij uw aangifte inkomstenbelasting. Netto kost u dat dus ongeveer € 5.000,- als u in de hoogste schijf valt. Uw ex-partner ontvangt € 10.000,- en moet dit aangeven als inkomen en er inkomstenbelasting over betalen.

Ouderdomspensioen
De Wet VPS heeft als hoofdregel dat het ouderdomspensioen dat tijdens het huwelijk is opgebouwd verdeeld moet worden. Onder ouderdomspensioen valt ook een recht op vroegpensioen of prepensioen. Deze pensioenen moeten dus ook verdeeld worden. Als het huwelijk kort geduurd heeft, is er relatief weinig pensioen opgebouwd. Heeft het huwelijk lang geduurd, dan zal er ook veel pensioen verdeeld moeten worden. Een voorbeeld:
Stel u heeft € 10.000,- ouderdomspensioen opgebouwd en nog € 6.000,- vroegpensioen. Dat is opgebouwd in tien jaar maar u bent slechts zes jaar getrouwd geweest. Dan moet u eerst (laten) bepalen hoeveel tijdens het huwelijk is opgebouwd. Als hieruit naar voren komt dat er sprake is van € 6.000,- ouderdomspensioen en € 3.600,- vroegpensioen dan heeft uw ex-partner recht op een voorwaardelijk ouderdomspensioen van € 3.000,- en een voorwaardelijk vroegpensioen van € 1.800,-.
Deze pensioenen heten voorwaardelijk omdat de voorwaarde is dat u allebei in leven bent als u met pensioen gaat. Uw ex-partner krijgt deze uitkeringen alleen als u ook allebei nog in leven bent. Komt u te overlijden, dan vervallen deze pensioenuitkeringen en krijgt uw ex dus ook niet meer de helft uitbetaald. Wel is er dan misschien een partnerpensioen (zie boven). Komt uw partner te overlijden, dan krijgt u weer uw volledige pensioen uitbetaald. Het blijft dus nog steeds uw eigen pensioen.

Afspraken
Er is een wettelijk formulier ontwikkeld waarmee uw partner bij de uitvoerder kan vragen om rechtstreekse uitbetaling van de voorwaardelijke rechten als u met pensioen gaat. Zo is uw partner dan niet afhankelijk meer van u. Dit formulier mag door beide partijen getekend worden maar één handtekening volstaat. Wel moet het formulier binnen twee jaar na de scheiding worden ingestuurd.

Afwijken
De Wet VPS biedt de mogelijkheid om af te wijken. Dus in plaats van ieder de helft van het opgebouwde pensioen mag u ook voor een verdeling 30-70 kiezen. Of 80-20. Eigenlijk is iedere verdeling toegestaan als beide partijen het er maar mee eens zijn. Dat betekent dat voor een afwijking van de wet altijd beide partners moeten tekenen.
Een andere mogelijkheid om af te wijken is te kiezen voor een kortere of langere periode dan de duur van het huwelijk. Als u bijvoorbeeld al tien jaar samenwoonde voordat u ging trouwen, kan deze periode meegeteld worden voor de verdeling. Of als uw partner al vijf jaar weg was voordat de echtscheiding werd geregeld, dan kunt u die vijf jaar niet mee laten tellen. Nogmaals, u moet het daar beiden wel over eens zijn, anders blijft gewoon de hoofdregel van de wet gelden.
U kunt er ook voor kiezen om definitief ‘af te rekenen’ met uw partner. In dat geval worden de voorwaardelijke pensioenrechten voor uw ex-partner omgezet in een eigen recht op pensioen. Het partnerpensioen wordt in deze omzetting meegenomen. Zouden we in het vorige voorbeeld kiezen voor deze conversie, dan wordt een voorwaardelijk ouderdomspensioen van € 3.000,- en een vroegpensioen van € 1.800,- omgezet in een eigen ouderdomspensioen en vroegpensioen voor uw ex-partner. U heeft dan helemaal niets meer met elkaar te maken. Komt u te overlijden, dan verandert dat niets aan het pensioenrecht van uw ex. Komt uw ex te overlijden, dan krijgt u het geconverteerde pensioen niet meer terug. U verdeelt het pensioen dus definitief. Dat is wel zo makkelijk in veel gevallen!

Conclusie
Pensioen verdelen bij echtscheiding is wettelijk geregeld, ongeacht of u in gemeenschap van goederen bent getrouwd of op huwelijkse voorwaarden. Wilt u afwijken van de wet, andere afspraken maken of gewoon helemaal geen pensioen verdelen, dan moet u dat van te voren vastleggen in huwelijkse voorwaarden of later in het echtscheidingsconvenant. Het is aan te raden de consequenties van de pensioenverdeling van te voren goed uit te (laten) zoeken zodat u niet voor verrassingen komt te staan.
Als u twijfelt of niet zeker weet wat de mogelijkheden zijn, vraag dan een deskundige de zaak voor u uit te zoeken. Uw advocaat is immers niet altijd ook een pensioenspecialist!

Drs. Roos van der Velden MPLA, partner verbonden aan Akkermans & Partners Pensioen Juristen te Tilburg, www.akkermans.nl.

Wel gelijkstelling in Pensioenwet
Overigens gelden de regels van de Pensioenwet – in tegenstelling tot die van de Wet VPS – wel voor ongehuwd samenwonenden die als partner zijn aangemeld bij het pensioenfonds of de verzekeringsmaatschappij. Op grond van de Pensioenwet wordt deze categorie namelijk gelijk gesteld met gehuwden of geregistreerde partners.

Reageer