Artikel Overgeld.nl: Individuele instemming pensioenaanpassing verdient de voorkeur. Uiteraard!

De juridische vraag die momenteel speelt is of pensioenuitvoerders, zowel pensioenfondsen als verzekeraars, zonder individuele instemming van de werknemer de opgebouwde pensioenrechten mogen omzetten van 65 naar 67 jaar. Ook al is dat met het recht om het pensioen later toch weer in te laten gaan op 65 jaar. Zoals bekend gaat de pensioenopbouw vanaf 2014 verder gericht op 67 jaar. De opgebouwde rechten staan uiteraard op 65 jaar en daarvoor moet een keus gemaakt worden. Of deze blijven staan op 65 jaar, of deze worden omgezet in een hoger pensioen vanaf 67 jaar. Een beetje lood om oud ijzer eigenlijk.

 

Ook is de aanpalende vraag of de toekomstige opbouw verder gaat, inderdaad gericht op 67 jaar, of toch op 65 jaar blijft staan, maar dan wel met en lager opbouwpercentage – dan bij 67 hoort, het moet immers ook binnen de fiscale grenzen blijven.

De vraag is nu of er wel sprake is van ‘aantasting van opgebouwde aanspraken’, als deze van 65 jaar worden omgezet naar 67 jaar nu deze immers actuarieel gelijkwaardig worden omgezet.

 

Getalsmatig: u hebt recht op € 10.000 vanaf 65 jaar, dat wordt € 12.000 vanaf 67 jaar, met het recht om het toch op 65 jaar in te laten gaan. U krijgt dan ‘normaliter’ weer

€ 10.000?!

 

De ‘pensioendeskundigen’ zijn er niet uit. Tegen pleit namelijk de zuiver technische uitleg van de pensioenwet. Vóór in ieder geval de pragmatiek. Van De Nederlandse Bank en van Staatsecretaris Klijnsma mag het wel. Zij stellen dat het kan en dus mag.

Belangrijker echter nog dan de juridische insteek, is het risico van aansprakelijkheid en het voldoen aan zorgplicht. Als de werknemer er niet ‘luid en duidelijk’ mee instemt, zal en kan hij er later op terugkomen. En natuurlijk doen alleen die werknemers dat die een nadeel menen te hebben. Nabestaanden bijvoorbeeld die meer pensioen krijgen zullen immers niet ‘piepen’. Het nabestaandenpensioen is misschien wel hoger, omdat het in mijn voorbeeld 70% van € 12.000 is. Maar bij de keus om het toch op 65 jaar te laten ingaan en bij overlijden daarna is het misschien minder dan 70% van € 10.000.

Deze juridische procedures zullen in de toekomst met collectief ‘class action’-achtig juridisch geweld gaan. De macht van ‘gepensioneerden’ zal – ik voorspel het u – de komende jaren namelijk groot worden.

 

Al met al móet een uitvoerder en/of een werkgever daarom mijns inziens toch kiezen voor individuele instemming, waarbij het werken met een negatieve optie kan. Maar ook dan nog moet bewerkstelligd worden dat de werknemer de relevante informatie heeft ontvangen én begrepen. Kortom voor een goede uitvoerder en een goede werkgever is er wel degelijk werk aan de winkel volgens mij.

 

Tot slot. Overigens moet  in voorkomende  gevallen  eerst de Ondernemingsraad instemmen met de wijzigingen en daarna pas de werknemer. Als de OR heeft ingestemd is daarna een weigering van de werknemer vaak sneller onredelijk.

 

 

Reageer