Artikel Geld en Werk: ZZP-ers!

Er komen steeds meer ZZP-ers. Dat zijn Zelfstandigen Zonder Personeel. Meestal is een ZZP-er een IB-ondernemer, dus een natuurlijk persoon. Hij betaalt inkomstenbelasting over zijn winst, net zo als een werknemer loonbelasting betaalt. Soms werkt een ZZP-er vanuit een BV. Formeel is hij dan directeur-grootaandeelhouder/werknemer, ook al heeft hij geen personeel en kan hij net als een gewone werknemer pensioen opbouwen (ook nog eens in zijn eigen BV). De groep ZPP-ers is inmiddels een kleine miljoen en neemt, nu de crisis weg drijft, weer snel toe! De vraag is dan hoe een ZZP-er met zijn pensioen moet omgaan.

Een ZZP-er heeft drie mogelijkheden. Hij kan (niet altijd overigens) nog 10 jaar blijven deelnemen aan zijn oude pensioenfonds. De pensioenpremie is dan nu nog 3 jaar aftrekbaar, maar dat wordt aangepast zodat de pensioenpremie ook gewoon de volle 10 jaar aftrekbaar is. Hij moet dan uiteraard zowel het deel dat de werkgever altijd betaalt, als zijn eigen (oude) werknemersdeel betalen, dat kan wel eens een fors bedrag zijn. Het voordeel van blijven deelnemen is gemak en geen (nieuwe) medische keuring. Ook kan hij, zeker de oudere ZZP-er, profiteren van het zogenaamde ‘doorsneepremie’-systeem dat bij de meeste pensioenfondsen geldt. Omdat bij een pensioenfonds iedereen, jong en oud, dezelfde premie betaalt, betaalt een oudere werknemer eigenlijk te weinig. Dat gaat ten koste van de jongere werknemer, die dus eigenlijk te weinig pensioen krijgt gezien zijn premiebetaling. Dit is natuurlijk heel solidair, maar de vraag is wel hoelang dit systeem nog in stand blijft. Het nadeel van blijven deelnemen aan het oude pensioenfonds is natuurlijk dat de ZZP-er dan wel afhankelijk is van het reilen en zeilen van het fonds. Als het fonds de pensioenleeftijd verhoogt, niet kan indexeren of de premie verhoogt, ben je daar aan gebonden.

Verder kan hij gebruik maken van de (fiscale) oudedagsreserve. Over 12% van de winst hoeft hij geen belasting te betalen, althans niet nu. Wel later als hij stopt met het bedrijf natuurlijk. Het bedrag dat hij ‘in de oudedagsreseve’ stopt, kan gewoon in het bedrijf blijven of op de bank gezet worden. Eigenlijk is de oudedagsreserve geen echt pensioen natuurlijk. Maar dat wil niet zeggen dat het – zeker in de beginjaren – niet slim kan zijn om toch mee te doen (uw accountants/belastingadviseur kan u hier alles over vertellen).

De laatste mogelijkheid is zelf een ‘pensioen’ in de vorm van een lijfrente aangaan. Dit kan bij een bank of bij een verzekeraar. Vaak heeft een bank de voorkeur. Een lijfrente werkt hetzelfde als pensioen. De premie is fiscaal aftrekbaar (tot zo’n beetje 17% van de winst). Over de lijfrente-uitkeringen moet dan later belasting worden betaald. Hoe meer premie een ZZP-er betaalt, hoe hoger het rendement dat hij daarmee haalt en hoe lager de kosten, hoe hoger de uitkering natuurlijk. Ook de premie voor een lijfrente bij overlijden voor de partner of bij arbeidsongeschiktheid is aftrekbaar

Eigenlijk heeft een ZZP-er volop mogelijkheden. Wel is hij zelf verantwoordelijk, er zorgt niemand voor hem! In de markt wordt tot slot volop gewerkt aan oplossingen waardoor de (individuele) medische keuring wat minder bepalend wordt.
Tot die tijd is dus meedoen met de (fiscale) oudedagsreserve een prima eerste oplossing. Zorg wel altijd goed voor een juiste (tijdelijke) verzekering voor overlijden en arbeidsongeschiktheid. Onderneem ze!

mr Theo Gommer MPLA is partner bij Akkermans & Partners Legal & Advice te Tilburg, waar hij tevens directeur van het Wetenschappelijk Bureau is. Daarnaast is hij advocaat bij Gommer & Partners Pensioen Advocaten en voorzitter van de Nederlandse Orde van PensioenDeskundigen.

Reageer