Artikel Geld en Werk: Pensioenplannen nieuw Kabinet

Nu de verrassende uitslag van de verkiezingen bekend is kunnen we kijken naar de keuzes die het nieuwe Kabinet gaat maken. Bepalend daarbij is primair de positie van de VVD, immers de grootste partij. Ook zal nu demissionair Minister Kamp ongetwijfeld terugkomen op de post Sociale Zaken. Hij heeft nog grote ‘klussen’ te doen en zit midden in de lopende dossiers. Daarnaast zal de PvdA tegengas geven op diverse dossiers, en zullen D’66 en het CDA meer aan de kant van de VVD zitten. Zij hebben immers ook het zogenaamde Kunduz-akkoord begin dit jaar getekend.

Allereerst de verhoging van de Pensioenleeftijd.
Deze zal zeker doorgaan, hoewel de PvdA heeft ingezet op een verhoging die pas in 2017 ingaat, in plaats van al per 2013 voor de AOW. Het compromis dat gesloten zal worden zou mijns inziens moeten inhouden dat de AOW-verhoging niet per 2013, maar pas per 2014 ingaat, gelijk met de verhoging in 2014 van het werkgeverspensioen naar 67. Hierbij teken ik nogmaals aan dat de opgebouwde werkgeverspensioenen in principe gewoon op 65 jaar blijven staan én dat ook pensioen op leeftijd 67 eerder mag ingaan. Dan krijgt u natuurlijk wel wat minder, zo’n 8% per jaar dat u eerder met pensioen gaat.

Verlaging van pensioenen
Hét hot item dit najaar zal de keus worden om de pensioenen al dan niet te verlagen. Zoals de president van DNB, Klaas Knot, vorige week stelde ziet het er naar uit dat de marktrente laag blijft gezien de economische crisis, de levensverwachting blijft stijgen hebben de actuarissen berekend en de te verwachten rendementen zien er niet positief uit.
Het lijkt er dus op dat de geesten echt rijp worden gemaakt voor het grootschalig verlagen van de pensioenen. Ook Minister Kamp hint hier op. Wel zal hij proberen de verlaging te beperken. Maar verlagingen van gemiddeld 5 a 7% liggen in het verschiet. En dat, als het tegen blijft zitten, niet eenmalig maar ook nog een keer in 2013.

Invaren van opgebouwde pensioenen
Een andere hete aardappel die al dan niet geslikt moet worden is hoe om te gaan met de opgebouwde pensioenen, nu de reguliere pensioenleeftijd omhoog gaat en de pensioenen tegenvallen. De keus is om of de opgebouwde pensioenen voor de niet-gepensioneerden op 65 jaar te laten staan. Het gevolg is dan wel dat als het allemaal tegenvalt ze verlaagd worden. Of om de opgebouwde pensioenen ‘in te varen’ in het nieuwe systeem. Hierbij is dan automatisch de pensioenleeftijd 67 jaar. Belangrijker is echter dat áls de levensverwachting verder toeneemt – en dat zal gebeuren – de pensioenleeftijd automatisch meestijgt, dus naar 68, 69 en verder. Ook dan blijft nog steeds het ‘gevaar’, dat als de rendementen tegenvallen de pensioenen verlaagd worden. In een paar jaar tijd gaan we dus van de zekerheid van
€ 10.000 op 65 jaar naar de onzekerheid van € 9.000 op 67, 68 of zelfs 69 jaar. We kunnen echt niet zeggen dat we het zelfs dan ‘slecht’ hebben in Nederland, maar het is wel minder.

Al met al dus geen zonnige boodschappen voor een ‘Zwitserlevengevoel’ vanaf 60 jaar. Gezien het economisch tij lijken we in pensioenland dus naar de tering naar de nering te moeten zetten en de mouwen op te moeten stropen en langer door te werken.
Waar iedereen dan moet gaan werken is een andere discussie, maar minstens zo belangrijk. Ook daar is Minister Kamp vanuit Sociale Zaken en Werkgelegenheid de verantwoordelijke bewindsman voor. Hij zal dus nog zware jaren krijgen!

mr Theo Gommer MPLA is partner bij Akkermans & Partners Legal & Advice te Tilburg, waar hij tevens directeur van het Wetenschappelijk Bureau is. Daarnaast is hij advocaat bij Gommer & Partners Pensioen Advocaten en voorzitter van de Nederlandse Orde van PensioenDeskundigen.

Reageer