Artikel Geld en Werk: Pensioenakkoord niet gelukt!

De sociale partners zijn er niet uitgekomen. Het probleem zit in 2 zaken. Allereerst willen de werknemers dat de AOW met 6,5% per jaar wordt verhoogd, om zodoende de verhoging van de AOW-leeftijd in 2020 een beetje te compenseren. De bedoeling is immers nog steeds dat de AOW, ook al wordt de officiële leeftijd verhoogd naar 66 jaar (en later naar 67) vervroegd kan ingaan op 65 jaar. U krijgt dan natuurlijk wel wat minder AOW dan vanaf 66 jaar.

Het volgende probleem zit in de opgebouwde pensioenrechten. De vraag is of ook de opgebouwde pensioenrechten omgezet moeten en mogen worden in mindere zekere rechten. Dat de op te bouwen pensioenen in de toekomst meebewegen met de levensverwachting (die zal uiteraard toenemen, dus het pensioen lager worden) en de rendementen, daarover leek het of de sociale partners het ook eens waren, maar dat blijkt toch niet het geval. Daarnaast willen met name de werknemers één systeem, terwijl dit juridisch op problemen stuit.

Hoewel zowel werknemers als werkgevers een punt hebben, is het een feit dat ook nu al pensioenrechten gekort kunnen worden als blijkt dat de rendementen tegenvallen. Hoezeer dat nu een ‘paardenmiddel’ is en na omzetting in nieuwe ‘zachte’ rechten veel makkelijker, zal de hoogte van pensioen altijd afhankelijk blijven van zowel de (toenemende) levensverwachting als de rendementen behaald met de ingelegde premies.

Daarnaast lijkt het zelfs of de vakbonden, de FNV voorop, nog niet echt zijn overtuigd van de noodzaak van de verhoging van de pensioenleeftijd.

Het feit dat de sociale partners niet tot een vergelijk kunnen komen, ontslaat individuele werkgevers en werknemers niet om hun verantwoordelijkheid te nemen. Dit begint met goede en juiste pensioencommunicatie. Deze pensioencommunicatie moet nog veel meer dan vroeger gericht zijn op datgene dat de werknemer wil weten. Hoeveel pensioen krijg ik, wat is mijn recht c.q. kans op inflatiecorrectie en de kans dat het pensioen gekort wordt. Ook betere communicatie over de hoogte van de pensioenpremies en de daarover behaalde rendementen is gewenst. Als de zekerheid minder wordt, moet de verantwoording en openheid groter worden. Dat werkgevers door beter te communiceren én goed inzage krijgen in hun eigen (uitvoerings)pensioenkosten, de behoefte onder de werknemers en dus een beter pensioenprodukt kunnen bieden is dan voor hen mooi meegenomen!

Dat er wat moet gebeuren en ook gaat gebeuren met ons pensioensysteem is niet te voorkomen. Dat daar duidelijk over gecommuniceerd moet worden ook. Dat werknemers – en ook werkgevers – meer keuzemogelijkheden moeten krijgen als pensioen minder zeker wordt lijkt mij dan evident. Dat tot slot werknemers vanaf de pensioeningangsdatum zouden moeten kunnen kiezen voor zekerheid, zonder het risico dat nádat ze met pensioen zijn gegaan de uitkering nog wordt gekort, voorziet volgens mij in een grote behoefte.

Bereidt u zich goed voor op de wijzigingen die gaan komen, dan komen ze niet als een verrassing. Die verantwoordelijkheid hebt u, én kunt echt aan, dat geloof ik absoluut. Zoekt u hulp als dat niet het geval is, er zijn velen die u willen en kunnen helpen.

mr Theo Gommer MPLA is partner bij Akkermans & Partners Legal & Advice te Tilburg, waar hij tevens directeur van het Wetenschappelijk Bureau is. Daarnaast is hij advocaat bij Gommer & Partners Pensioen Advocaten en voorzitter van de Nederlandse Orde van PensioenDeskundigen.

Reageer