Artikel FD Selections: Zware beroepen en pensioen

Ik ga het niet met u hebben over ‘weer’ de discussie van zware beroepen (en pensioen). Deze is al zo vaak gevoerd en men is er niet uitgekomen. Het zou mij dus verbazen als het nu wel lukt. Wat mij vooral ook irriteert is dat – los van de vraag of we nu wel of geen PensioenAkkoord hebben c.q. krijgen – de inkt nog niet droog is en we (lees even Minister Kamp) al weer – nieuwe/ herhaalde – discussies beginnen/aanpassingen doen, die mijns inziens – als ze dan zo belangrijk zijn – in het PensioenAkkoord zelf hadden moeten zitten.

Wat is namelijk een zwaar beroep
De hamvraag in dit dossier is natuurlijk: wat is een zwaar beroep? Het antwoord is makkelijk: dat valt niet te definiëren! Waarom niet? Wel, dat hangt af van de persoon. Kijk, het is niet (meer) zo dat een fysiek beroep zwaar is en een geestelijk beroep niet. Integendeel. Ik denk zelfs dat fysieke beroepen veel makkelijker ‘niet zwaar’ te maken zijn (nog los van het feit dat de werknemers met een zwaar beroep veelal relatief weinig uren werken en veel faciliteiten hebben etc.) en dat daar de crux zit. Er zijn allang stratenlegmachines. Maar ja, als je (verkeerd) blijft bukken, dan krijg je inderdaad rugklachten. Zeker als je dan ook nog eens 2 banen hebt: van 7 tot 4 en vervolgens van 4 tot 7! Dat klinkt misschien niet aardig, maar het is wel zo.

Voor (het omgaan met) geestelijke druk (politie, zorg, onderwijs) geldt het zelfde. Als een docent geen orde kan houden dan zal hij het zwaar hebben. Maar ja, dan leer je dat toch? Lukt dat niet, dan ben je dus geen goede docent. Maar moet je misschien het volwassenenonderwijs ingaan.

Vaak hoor ik ook van mensen die in ploegendiensten werken dat ze vinden dat ze een zwaar beroep hebben. Maar niet door de arbeid zelf, maar door de (gevolgen van de) ploegendienst. Dat kan ik mij goed voorstellen. Ik ben ook vaak moe als ik (als advocaat) wel eens een nachtje (nou ja, tot in de vroege uurtjes) moet doorwerken aan een conclusie, pleidooi, pensioen Due Diligence of anders. Maar dan had ik het of beter moeten plannen of moeten de ploegendiensten beter ingevuld. Ooit hoorde ik het verhaal van een bedrijf dat een combi had van ploegendiensten en een innovatieve invulling: (globaal) werd er 3 weken, 7 dagen per week gewerkt variërend van 6 tot 2 (hele middag/avond vrij), van 2 tot 10 (hele ochtend vrij en een normale nachtrust) en van 10 tot 6 (dat was de zwaarste week uiteraard). Daarna was men een hele week vrij (en daarnaast dus nog gewoon vakantiedagen). Heerlijk vond men het.

Zwaar beroep en pensioen
Verder is het natuurlijk zo dat ik er vanuit ga dat al die zware beroepen dan ook goede verdiensten kennen (denkt u ook nog eens aan het levensjarenbeginsel in de metaal). En dus hebben de werknemers (extra) geld om in hun pensioen te stoppen. En kunnen zodoende toch vroeg met pensioen. Ook zijn werknemers met een zwaar beroep vaak jong begonnen. Maar is het dan niet zo dat ze ook vanaf hun 16e/18e pensioen kunnen opbouwen? Rekent u mee: van 18 tot 60 = 42 jaar x 2% = 84% vanaf 66 jaar. Vaaf 60 jaar wordt het dan actuarieel gekort een pensioen van 60%. Als ze dan nog een beetje extra sparen dan is dat dus prima.

Gemiste kans
Naast het feit dat op basis van het voorgaande de sociale partners zelf verantwoordelijk zijn voor pensioenopbouw van zware beroepers en dit dus niets met o.a. de verhoging van de reguliere pensioenleeftijd te maken heeft, mis ik nog wat in het PensioenAkkoord. Agnes had tegen Bernard moeten zeggen: “Stel we gaan naar 66, 67 e.v. Hoe ga jij (lees de werkgevers) dan zorgen dat ‘mijn mensen’ dat volhouden (en voor jullie efficiënt en produktief blijven). Mag ik over 3 weken van je horen??”. Als ze die vraag had gesteld hadden we nu én geen PensioenAkkoord gehad en waren we bezig geweest met de echt relevante discussies.

Laten we dus zorgen dan werknemers (maar ook ZZP-ers) zich realiseren dat ze hard moeten werken om het lang vol te kunnen houden, dat ze daar mede zelf verantwoordelijk voor zijn en zo niet, ze of genoegen nemen met (aanzienlijk) minder pensioen of langer moeten doorwerken.

Enne, als je je baan nou echt niet leuk vindt, zoek dan een andere!

Windowdressing
O, nu het ik het toch gehad over ‘zware beroepen’ en pensioen. En heb dus niet alleen kritiek op de ‘pensioentechnische invulling’ van het PensioenAkkoord maar (juist) ook op belangrijker de zaken in de periferie. Toch ben ik van nature best wel een optimistisch mens. Dan moet de conclusie wel zijn dat het dus écht geen goed PensioenAkkoord is. En ik hoop duidelijk te hebben gemaakt dat de discussie over zware beroepen windowdressing is en gebaseerd op geen pensioenkennis.

Reageer