Artikel FD Selections: Kan een stijgende beschikbare premiestaffel?

Ik zat afgelopen week in een ‘twitter-gesprek’, naar aanleiding van de zaak van het Europees Hof van Justitie, C-476/11, van 26 september 2013. De vraag in deze prejudiciële zaak van de Deense rechter was of een werkgever – zonder daartoe verplicht te zijn – een stijgende beschikbare premiestaffel mag hanteren, waarbij ook nog eens de werknemer steeds een derde zelf betaalt. Dus ook een stijgende eigen bijdrage.

De vraag is dus of dit niet in strijd is met het beginsel van non-discriminatie op grond van leeftijd (bij de arbeid). Naast de toets aan de hand van de bekende uitgangspunten ten aanzien van gelijke behandeling (objectief, redelijk, legitiem gezien doel, passend en noodzakelijk), noemt het Hof ook nog de ‘ruime beoordelingsmarge’ die sociale partners (er vanuit gaande dát sociale partners relatief exclusief over de arbeidsvoorwaarde pensioen gaan) hebben in het kader van het sociaal en werkgelegenheidsbeleid dat zij specifiek willen nastreven. Toch mis ik vooral ook gewoon ‘enige pensioenkennis’ in de analyse.

Er zijn feitelijk maar twee soorten ‘pensioen’. De uitkeringsovereenkomst en de premieovereenkomst. Als een jongere en een oudere werknemer allebei 2% opbouw per jaar krijgen, op basis van hetzelfde salaris, dan is de premie die de werkgever betaalt voor de oudere werknemer aanzienlijk hoger dan voor de jongere werknemer. Als bij een premieovereenkomst daarom een jongere werknemer dezelfde premie ter beschikking krijgt als een oudere kan hij daarvoor een hoger pensioen krijgen. Daarom zijn er dus stijgende staffels. Op basis van die verschillen kunnen jongeren en ouderen uiteindelijk – op basis van de veronderstelde uitgangspunten – hetzelfde pensioen aankopen te zijner tijd.

Actuariële uitgangspunten liggen dus zowel ten grondslag aan de uitkerings- als de premieovereenkomst. Een stijgende staffel is dus gewoon logisch (even terzijde, de vaste lijfrentepremie van 17% zou dus beter vervangen kunnen worden door een stijgende staffel. Deze vaste premie stamt nog uit 19-toen, toen alleen vaste beschikbare premies, naar analogie van de vaste doorsneepremie gebruikelijk waren).

Dat heeft dan ook niets met (directe) beloning en discriminatie te maken maar juist met indirecte beloning, hetgeen pensioen is, immers uitgesteld loon (zijnde pensioeninkomen) en daarom met kennis en gezond verstand.


Tot slot nog de vraag of werknemers een stijgende eigen bijdrage mogen hebben, in plaats van een vast % (allemaal b.v. de helft van het laagste staffelpercentage). Mijns inziens kan dat, beredeneerd vanuit dezelfde lijn. Per saldo betaalt de werknemer de helft van het uiteindelijke pensioenresultaat. Daarnaast, als een stijgende staffel al discriminerend zou zijn – voor jongeren dus -, dan is juist de stijgende eigen bijdrage een compensatie daarvoor. De Cie Gelijke Behandeling heeft anders geoordeeld, maar dat is dus onjuist. Ik ken vele bedrijven die een stijgende eigen bijdrage kennenJ.

Het antwoord op de vraag of een stijgende beschikbare premiestaffel kan, inclusief de stijgende eigen bijdrage, is dus volmondig ja. En als er dan al iets ‘raars’ is bij de financiering van pensioen, dan is dat de doorsneepremie en niet een stijgende beschikbare premiestaffel!

Reageer