Artikel FD Selections: Beter pensioen voor laagbetaalden!

Korter leven
Uit onderzoeken blijkt dat werknemers met de combinatie van laag opgeleid en laag betaald aanzienlijk korter leven. En dus ook minder lang van hun pensioen kunnen genieten.
Dit is mede de reden geweest voor de sociale partners om hen tegemoet te komen bij de verhoging van de pensioenleeftijd. Wellicht is het echter beter om echte maatregelen te nemen dan de ‘lap’-oplossingen die nu bedacht zijn. Want, als we weten dat het zo zit, dan is de vraag of het dan wel solidair is om geen alternatief te bieden voor deze groep. De oplossing zit overigens niet – dat weten we inmiddels – in het kwalificeren van ‘zware beroepen’. Enerzijds omdat dat niet kan en anderzijds omdat een zwaar beroep niet per definitie gelijk is aan laag opgeleid en laag betaald.

Waarom
Ik ga niet in op de vraag hoe het komt dat deze werknemers korter leven dan gemiddeld.
Immers uit onderzoek blijkt ook dat dit kortere leven mede te maken heeft met de levensstijl (roken, drinken, weinig sporten/bewegen en verkeerd eten). Dat is immers een keus.
Daarnaast zijn er ook grote groepen die wel een laag inkomen hebben maar niet laag opgeleid zijn en/of omdat ze gewoon niet zoveel (willen) werken. Dat is namelijk ook een keus, zou ik dan zeggen (prima, maar met gevolgen). Beide vallen onder de noemer eigen verantwoordelijkheid, die ik zoals bekend hoog heb zitten.

Oplossing deel 1: eerder
Allereerst is bekend dat lager opgeleiden en lager betaalden op jonge leeftijd beginnen met pensioenopbouw, ook vaak jonger dan 21 jaar. De oplossing is dan om de opbouw eerder te starten. Eigenlijk is 21 jaar een ‘rare’ leeftijd. Ik zou zeggen, gewoon vanaf het moment dat iemand inkomen uit arbeid krijgt. Een aantal uitzonderingen qua deelname en wachttijd kennen we immers al. Dat impliceert dan 3 jaar à 2% = 6% meer opbouw dan nu.
De andere oplossing zit ‘m in het feit dat er ongetwijfeld ook in deze groep werknemers zijn die (nog) niet onder een pensioenregeling vallen. Pensioenplicht is heel makkelijk daarvoor de oplossing.

Oplossing deel 2: eerder, sneller en vooral leuker
Het tweede deel van de oplossing zit in de uitkeringsfase. Als lager opgeleiden en lager betaalden minder lang leven dan gemiddeld, betalen zij – onder het mom van solidariteit – de prijs voor de hoger opgeleiden en hoger betaalden. De oplossing zit dan mijns inziens niet – alleen – in hun pensioen eerder laten ingaan, want dat betekent ook actuarieel gekort – maar het en eerder en sneller en vooral leuker opnemen van hun pensioengeld. De oplossing is dan 3-ledig. Eerder is geen probleem, pensioen mag immers op ieder moment ingaan. Sneller kan door hen toe te staan een aanzienlijk grotere variatie in de uitkeringen toe te staan dan de huidige 100 : 75. Ik denk daarbij aan minimaal 100: 50. En leuker kan ten slotte door hen – maar dan moet dat wel voor iedereen gaan gelden – toe te staan een deel van het pensioen als lumpsum op te nemen op de pensioendatum. Of als alternatief, in bijvoorbeeld 5 jaar uit te keren. Ik denk dan aan 25 tot 50% van het ‘pensioenvermogen.

Aldus
Oplossingen in pensioenland zijn vaak veel makkelijker dan menigeen denkt. Alleen dan moet je wel loskomen van alle vastgeroeste denkbeelden.
Nu we aan het begin staan van een grootschalige pensioenuitkeringsfase – en ik herhaal nog maar eens: dat hebben we nog nooit meegemaakt – moet je wel een beetje ’out of the box’ durven denken. Helaas, dat is nog lang niet iedereen gegund. Dat blijkt steeds weer in pensioenland.

Reageer