AFM en DNB wetgevingsbrieven 2017

De Autoriteit Financiële Markten (AFM) en De Nederlandsche Bank (DNB) hebben recent de wetgevingsbrieven 2017 gepubliceerd. De toezichthouders rapporteren in deze brieven over knelpunten in wet- en regelgeving. Ook maken zij hun wetgevingswensen hierin kenbaar.

AFM wetgevingsbrief
De AFM vraagt o.a. aandacht voor de invulling van de zorgplicht bij de ontwikkeling van een nieuw pensioencontract. Hoewel momenteel nog onduidelijk is welke nieuwe pensioencontracten in een toekomstig pensioenstelsel mogelijk gemaakt worden, ziet de AFM een verschuiving in de risico’s van pensioenopbouw. Waar bij een uitkeringsovereenkomst de werkgever en, steeds meer, het collectief van deelnemers de risico’s dragen, is er een opkomst van de premieovereenkomst waarbij de individuele deelnemer de risico’s draagt en zelf keuzes mag maken.

Veel nieuwe pensioencontracten zullen volgens de AFM het karakter hebben van een premieovereenkomst. Een mogelijk gevolg is dat deelnemers meer keuzevrijheid krijgen en pensioenuitvoerders meer maatwerk kunnen toepassen. Niet alle deelnemers zullen het gemakkelijk vinden of in staat zijn om de juiste keuze te maken. Volgens de AFM is het daarom van belang de deelnemer te beschermen, o.a. door aandacht te schenken aan de invulling van de zorgplicht. Op dit moment is er in beperkte mate sprake van bescherming van deelnemers door zorgplichtvereisten. Volgens de toezichthouder is hier al wel een impuls aan gegeven door de introductie van de Wet verbeterde premieregeling. Een uitbreiding van de huidige bescherming voor deelnemers ziet de AFM daarom als een logische stap. Met bescherming doelt de AFM vooral op het handelen in het belang van de deelnemer door de pensioenuitvoerder. Dat vertaalt zich o.a. in het begeleiden van de deelnemers bij het maken van keuzes. Daarbij hecht de AFM eraan een zorgplicht vorm te geven met voldoende bescherming voor deelnemers, die ook voor pensioenuitvoerders werkbaar is.

Wetgevingsbrief DNB
De wetgevingsbrief van DNB heeft niet direct betrekking op pensioenfondsen. Wat betreft financiële instellingen wordt in breder kader onder andere nog wel de wens geuit om de bestaande rechtsbescherming van getoetste bestuurders en commissarissen verder te versterken, door de zittingen van het beroep en hoger beroep met betrekking tot aanvangs- en hertoetsingen achter gesloten deuren te laten plaatsvinden.

Reactie ministerie van Financiën
De Minister van Financiën heeft de Tweede Kamer per brief van 24 maart jl. geïnformeerd over de belangrijkste voornemens ten aanzien van wet- en regelgeving op het terrein van financiële markten. In deze brief geeft hij (per onderdeel) ook een reactie op de geformuleerde wetgevingswensen van de toezichthouders.

De introductie van een zorgplicht is volgens de minister een belangrijk aandachtspunt bij de verdere vormgeving van een eventueel nieuw pensioencontract en pensioenstelsel. Een algemene zorgplicht wint volgens de minister aan belang als de aanpassingen van het pensioenstelsel meer keuzes voor de individuele deelnemers tot gevolg hebben en de werkgever zich terugtrekt als risicodrager. Een zorgplicht dient dan ter bescherming van de deelnemer. De introductie van meer keuzevrijheid en eventuele aanpassingen in de aard van de toezegging zijn volgens de minister op dit moment geen praktijk. Hierdoor is het volgens hem nog te vroeg om concrete invulling aan de zorgplicht te geven. Tegelijkertijd worden de gesprekken met de toezichthouders over dit onderwerp voortgezet.

Reageer